Advocaat blundert op zitting met fictieve jurisprudentie: 'Hier is AI op hol geslagen'

donderdag, 9 april 2026 (11:34) - Het Financieele Dagblad

In dit artikel:

In een procedure bij de Ondernemingskamer werd een Amsterdamse advocaat beticht van het aanvoeren van niet-bestaande jurisprudentie in een geschil tussen aandeelhouders van een kleine rederij in Scheveningen. Tijdens de zitting wezen drie rechters scherp op meerdere onjuistheden in het verzoekschrift: verwijzingen naar uitspraken bleken gefabriceerd, data en ECLI-nummers klopten niet en de rol van de cliënt werd bewust kleiner voorgesteld. Een van de rechters zei daarbij kernachtig: “Of AI is op hol geslagen, of u heeft de zaak verzonnen.”

De advocaat, met bijna dertig jaar ervaring en optredend voor de minderheidsaandeelhouder, kon de opmerkingen van de kamer nauwelijks weerleggen. De rechters kwalificeerden het handelen als een duidelijke schending van de procesplicht om alle relevante feiten volledig en waarheidsgetrouw aan te voeren. Tegenpartijadvocaat van kantoor Base stelde expliciet dat er oneigenlijk gebruik van AI is gemaakt: met “nieuwe” uitspraken werd geprobeerd fictieve jurisprudentie te maskeren.

Het voorval past in een breder patroon van zorgen over AI-hallucinaties in juridische stukken. De dekens houden sinds dit jaar meldingen over onjuist AI-gebruik bij; volgens de deken die dit dossier behandelt ligt de uiteindelijke verantwoordelijkheid altijd bij de advocaat en ontslaat AI niet van controleplicht en professionele beoordeling. Eerder dit jaar kreeg volgens de NOS al een klein aantal advocaten een waarschuwing of werd hen een AI-cursus opgelegd. Meldingen kunnen van rechters, collega’s of cliënten komen en kunnen, in het uiterste geval, leiden tot tuchtrechtelijke stappen.

De zaak eindigde, ondanks de miskleun, in een schikking die voor de minderheidsaandeelhouder gunstig leek uit te pakken. Het onderliggende conflict betrof adviseur Harry (58) en schipper Arie Jan (55): Harry had drie jaar geleden 20% van de aandelen gekocht voor €300 en eiste later onderzoek of uitkoop. Na felle onderhandelingen accepteerde hij uiteindelijk een rechterlijk voorstel van €175.000, tot zijn tegenpartij ook ondanks muizenissen instemde.

Het incident illustreert hoe foutieve AI-uitvoer reputaties kan schaden, het vertrouwen in advocaten kan ondermijnen en partijen kan verleiden tot schikkingen uit angst voor publicatie van missers.