AEX houdt stand terwijl doorbraak Midden-Oosten uitblijft
In dit artikel:
De Amsterdamse beurs wist vorige week stand te houden te midden van geopolitieke en economische onzekerheid. De AEX sloot vrijdag op 1.041 punten, iets hoger dan de 1.035 van de week daarvoor (het record staat op 1.053). Beleggers reageerden vooral op het uitblijven van een vredesakkoord tussen de VS en Iran, dat olie en inflatievolatiliteit aanwakkert, en op belangrijke Amerikaanse arbeids‑ en inkoopcijfers.
Handelsspanningen namen verder toe nadat de VS aankondigden importheffingen van ten minste 10% te willen opleggen aan grote handelspartners—waaronder China, de EU en Japan—om producten van dwangarbeid te bestrijden. Daarmee probeert president Trump een nieuw hoofdstuk te openen in zijn tarievenbeleid, nadat het Amerikaanse Hooggerechtshof eerder bepaalde dat eerdere tarieven onrechtmatig waren.
De markt vindt ook steun in de aanhoudende enthousiasme rond AI en grote tech‑IPO’s. SpaceX wil volgens planning medio juni naar de beurs met 555,6 miljoen aandelen à 135 dollar, een notering die het bedrijf op papier tot circa 1,8 biljoen dollar zou waarderen (analisten van Morningstar zijn pessimistischer). Ook AI‑spelers als Anthropic en mogelijk OpenAI doen stappen richting beursgang, wat het sentiment in technologieblootstellingen enigszins helpt.
Tegelijkertijd waren halgeleideraandelen onder druk na teleurstellende cijfers van Broadcom, en de Nasdaq noteerde vrijdag een scherpe daling van ruim 4%—de grootste puntendaling ooit volgens het artikel—wat duidt op een mogelijke sectorrotatie weg van technologie deze zomer.
Macro-economisch lieten mondiale inkoopmanagersindices gemengde signalen zien: de industrie in China en Japan vertraagde in mei, de eurozone kende weliswaar een vierde maand op rij lichte industriële groei maar voelt prijsdruk en verstoringen door het Midden‑Oostenconflict. S&P‑econoom Chris Williamson waarschuwt dat hogere producentenkosten naar de consument worden doorberekend, wat inflatie kan doen oplopen en beleidsmakers voor lastige afwegingen plaatst. De markt rekent inmiddels vrijwel zeker op een renteverhoging van 25 basispunten door de ECB volgende week.
De Amerikaanse economie laat zich tot nu toe robuuster zien: zowel S&P Global als ISM rapporteerden hogere industriële activiteit in mei en fabrieksorders groeiden. De arbeidsmarkt bleef sterk: ADP meldde 122.000 private banen in mei (meer dan verwacht) en het officiële Amerikaanse banenrapport wees op 172.000 nieuwe banen in mei met een stabiele werkloosheid. Economisten en banken merken op dat de arbeidsmarkt voorlopig niet verzwakt en dat AI nog geen massale banenverliezen heeft veroorzaakt, maar waarschuwen dat een escalerende energiecrisis dit beeld kan veranderen en dat er vragen blijven over de nauwkeurigheid van sommige indicatoren.
Valuta en rente reageerden direct: de euro stond rond 1,1545 dollar nadat de dollar sterker werd en obligatierentes opliepen; de kans op een Fed‑rentestap tegen het einde van het jaar steeg naar circa 70%. Het bericht eindigt met de gebruikelijke waarschuwing dat de informatie geen beleggingsadvies is.