Amerikaanse militairen worden geviseerd met locatiedata, blijkt uit Pentagon-brief
In dit artikel:
Amerikaanse troepen in actieve inzetgebieden zijn doelwit geworden van tegenstanders die commercieel vergaarde locatiedata gebruiken om hen te volgen en aan te vallen, zo blijkt uit berichten van militaire functionarissen. Senator Ron Wyden deelde met Reuters een brief van het Amerikaanse Central Command (Centcom) waarin wordt gemeld dat Centcom op 14 april “meerdere dreigingsmeldingen” ontving over het uitbuiten van commerciële locatiedata. Centcom bestrijkt onder meer de Golfregio, waar Amerikaanse eenheden in spanningen met Iran opereren, en dit is volgens wetgevers de eerste officiële bevestiging dat troepen in een actief oorlogsgebied zo zijn geviseerd.
Locatiedata worden massaal verzameld via apps en smartphones en verhandeld door databrokers voor digitale reclame. Wetgevers waarschuwen dat die handel nationale veiligheid bedreigt: data kunnen blootleggen waar troepen samenkomen, hun routines verraden en gebruikt worden voor gerichte aanvallen met raketten, drones of bermbommen, en voor contraspionage. Onderzoeksjournalistiek en eerdere meldingen illustreren het risico: in 2016 volgde een aannemer speciale eenheden naar Syrië met commerciële data; recent onderzoek reconstrueerde bewegingen rond elf Amerikaanse militaire en inlichtingencampussen in Duitsland.
Een groep parlementariërs schreef het Pentagon en vroeg waarom het niet sneller maatregelen nam, zoals het uitschakelen van advertentie‑ID’s op door het leger uitgegeven apparaten, het standaard uitzetten van locatie‑deling in het veld en het stimuleren van privacy‑vriendelijkere browsers in plaats van Chrome. Het Pentagon zei dat het zal reageren; Google verdedigt Chrome’s beveiliging en pleit voor strengere regels tegen databrokers. Wetgevers, waaronder ex‑Special Forces‑officier Pat Harrigan, vinden dat de adtech‑markt als een nationale veiligheidsdreiging behandeld moet worden.