Autofabrikanten zoeken reddingsboei in defensieboom
In dit artikel:
Westerse autofabrikanten proberen in te spelen op de sterk stijgende defensie-uitgaven in Europa en Noord-Amerika. Ford, General Motors (GM) en Jaguar Land Rover (JLR) bieden aangepaste versies van bestaande pick-ups en terreinwagens aan voor militaire contracten. Zo dingen zij mee naar een Britse aanbesteding ter waarde van 900 miljoen pond voor aanvankelijk 3.000 voertuigen. Ford zet zijn Ranger in, GM aangepaste Silverado-pick-ups en JLR de Defender.
De fabrikanten hopen met hun bestaande technische kennis, productieschaal en toeleveringsketens een voordeel te hebben boven gespecialiseerde defensiebedrijven. JLR voert bovendien gesprekken over vergelijkbare opdrachten in andere landen. Toch verwachten bestuurders en analisten niet dat militaire activiteiten de zwakke autoverkoop, overcapaciteit en toenemende concurrentie van Chinese merken wezenlijk zullen compenseren. GM verwacht bijvoorbeeld dit jaar 700 miljoen dollar omzet uit defensie en een jaarlijkse groei van 30 procent, maar ook in 2029 zou dat minder dan één procent van de groepsomzet zijn.
Een concreter voordeel is de verkoop of overdracht van onderbenutte fabrieken aan defensiebedrijven. Stellantis wil een stilgelegde Canadese fabriek verkopen aan pantservoertuigenproducent Roshel, terwijl Volkswagen zijn fabriek in Osnabrück overdraagt voor een project met Rafael Advanced Defense Systems. Ook toeleveranciers, met flexibelere productielijnen, kunnen relatief eenvoudig militaire onderdelen gaan maken. Forvia verkent die markt en droeg onlangs een Duitse fabriek met 300 medewerkers over aan General Dynamics.
Sommige bedrijven zetten verdergaande stappen. Renault wil vanaf volgend jaar samen met Thales maandelijks 1.000 militaire drones produceren. De schaal daarvan blijft echter klein vergeleken met de reguliere auto-industrie. JLR benadrukt daarom dat voertuigen de kernactiviteit blijven en dat het niet wil uitbreiden naar onbekende defensiesectoren. Volgens analisten is defensie vooral een beperkte groeikans en geen oplossing voor de structurele problemen van de autobranche.
Vandaag Inside: Micky van de Ven positief over de invloed van Xavi Hernández: 'Het valt bij iedereen goed'