Belastingplannen 2027: maatregelen voor ondernemers
In dit artikel:
Het Belastingplan 2027 bevat voor ondernemers zowel fiscale versoberingen als stimulansen voor innovatie en verduurzaming. Omdat het kabinet geen meerderheid in de Tweede Kamer heeft, is nog onzeker welke voorstellen worden aangenomen.
De zelfstandigenaftrek daalt verder: van €1.200 in 2026 naar €900 in 2027. De startersaftrek wordt vrijwel afgeschaft: het bedrag gaat in 2027 van €2.123 naar €10 en verdwijnt in 2028 helemaal. Ook de willekeurige afschrijving voor starters vervalt in 2028. De meewerkaftrek en stakingsaftrek worden vanaf 2027 eerst met 75 procent beperkt en moeten uiterlijk in 2030 verdwijnen. Daarmee worden de fiscale verschillen tussen werknemers en zelfstandigen kleiner.
Voor directeur-grootaandeelhouders blijft de vennootschapsbelasting ongewijzigd: 19 procent over winsten tot €200.000 en 25,8 procent daarboven. De box 2-tarieven blijven 24,5 en 31 procent, maar de grens voor het hogere tarief wordt verhoogd naar €69.607.
Innovatieve mkb-bedrijven krijgen meer ruimte in de innovatiebox. Het bedrag waarvoor het belastingvoordeel geldt, stijgt van €25.000 naar €100.000. Daarnaast wordt de energie-investeringsaftrek verhoogd van 40 naar 45,5 procent voor investeringen in onder meer warmtepompen, ledverlichting en energiezuinige installaties. Voor verduurzaming van bedrijven en huishoudens is bovendien €6 miljard aan subsidies voorzien.
Start-ups en scale-ups moeten makkelijker personeel kunnen aantrekken doordat werknemersopties fiscaal aantrekkelijker worden: de belasting wordt verlaagd en verschoven naar een later moment. De onbelaste reiskostenvergoeding stijgt vanaf 2027 van €0,23 naar €0,25 per kilometer, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. De specifieke belastingvrije personeelskorting tot €500 per jaar verdwijnt, al blijft korting via de werkkostenregeling mogelijk.
Vanaf 2028 worden nulurencontracten vervangen door bandbreedtecontracten met een afgesproken minimum en maximum aantal uren. Scholieren, studenten met een bijbaan, jongeren en AOW-gerechtigden houden wel ruimte om op oproepbasis te werken.
Werkgevers krijgen vanaf 2027 een extra heffing wanneer werknemers een zakelijke benzine-, diesel- of hybrideauto ook privé of voor woon-werkverkeer gebruiken. Die bedraagt jaarlijks 12 procent van de cataloguswaarde en komt bovenop de bijtelling van de werknemer. Voor bestaande auto’s geldt overgangsrecht tot 2031. De youngtimerregeling wordt geleidelijk aangescherpt: de leeftijdsgrens gaat van zestien naar zeventien jaar in 2027 en naar twintig jaar in 2028. De eerder geplande verhoging naar 25 jaar gaat niet door.
Vandaag Inside: Wilders confronteert Jetten: 'Wat ik vanmorgen zag gebeuren, heb ik in 27 jaar nog nooit meegemaakt'