De financiële inhaalslag van schrijver Mano Bouzamour
In dit artikel:
Schrijver Abdelkader Benali blikt terug op zijn eerste ontmoeting met uitgever Mai Spijkers in 2013, toen hij op 22-jarige leeftijd zijn debuutroman De belofte van Pisa aanbood. Hij kreeg meteen een contract en een voorschot van 3000 euro, maar besefte pas later dat hij nauwelijks wist hoe hij zakelijk moest onderhandelen. In dit persoonlijke essay stelt Benali dat kunstenaars niet alleen hun vak moeten beheersen, maar ook de taal van ondernemerschap, eigendom en financiën moeten leren spreken.
Die leerschool ontbrak in zijn Marokkaans gastarbeidersgezin in Amsterdam, waar vooral sparen centraal stond en nooit over contracten, investeren of vermogen werd gesproken. Nu hij zelf succesvol is als schrijver, merkt hij dat artistiek succes niet automatisch financiële of zakelijke kennis oplevert. Daarom zoekt hij actief advies bij ondernemers als Raymond Spanjar en andere zakenmensen, om te leren over investeringen, eigenaarschap en het opbouwen van vermogen.
De dood van zijn vader maakte dat besef urgenter: Benali wil niet alleen iets artistieks nalaten, maar ook begrijpen wat je tijdens je leven opbouwt en doorgeeft. Hij ziet hoe sommige mensen van huis uit al vertrouwd zijn met geld en eigendom, terwijl hij die taal pas later heeft geleerd. Daarom wil hij een jaar lang iedere maand een dag meelopen met een Nederlandse ondernemer of ceo om te ontdekken hoe ondernemerschap werkt en wat kunstenaars daarvan kunnen leren.
De Oranjezomer: Hélène Hendriks gewoon welkom op Tilburgse Kermis: 'Dat was natuurlijk een grapje!'