Designer Dirk van der Kooij: 'Zomaar met iets geks op de proppen komen is niet leuk'
In dit artikel:
Dirk van der Kooij is de Nederlander die plasticafval en robots omvormt tot herkenbare, comfortabele designmeubels. In zijn studio in Kanonnenloods 24 op het Hembrugterrein in Zaanstad toont hij een hele productfamilie – van Chubby-krukken en Row-stoelen tot Tol- en Fresnel-lampen en de Wandel Bowl – allemaal gemaakt van gerecycled kunststof dat uit oude koelkasten komt. Met zelfgebouwde extruders en robotarmen ‘tekent’ hij draad voor draad dikke, semitransparante lagen die samen vormen en een karakteristieke laagstructuur opleveren. Die lage-resolutieproductie maakt bovendien zichtbaar hoe een object is opgebouwd, iets wat Van der Kooij belangrijk vindt: het maakproces wordt onderdeel van de esthetiek.
Opgeleid aan de Design Academy Eindhoven, begon Van der Kooij al tijdens zijn studie te experimenteren met een kapotte extruder en een geleende robotarm. Op zijn afstudeershow in 2010 presenteerde hij The Endless Chair, een prototype dat meteen tien keer verkocht werd en zijn overtuiging voedde dat dit een levensvatbare techniek was. Waar klassieke 3D-printing vaak streeft naar gladheid en hoge resolutie, koos hij juist voor dikke lagen en zichtbare lijnen; een praktische keuze die ook leidde tot nieuwe ontwerpen zoals de Chubby Chair (2012), ontworpen om sneller en efficiënter te produceren zonder comfort te verliezen.
Zijn werk verenigt drie pijlers: vernieuwing in techniek, aantrekkingskracht in vorm, en duurzaamheid in materiaalkeuze. Van der Kooij recyclet materiaalstromen, geeft reststukken een tweede leven (bijvoorbeeld in Meltingpot-tafels) en combineert robotprecisie met veel handafwerking om het uiteindelijke oppervlak en de kleurcompositie te bepalen. In de werkplaats vullen zakken met verpulverde koelkastkunststof de productielijn; medewerkers mengen pigmenten, solderen ledmodules, en polijsten onderdelen – een mix van geavanceerde automatisering en ambacht.
Het ontwerpwerk leverde internationale erkenning op: zijn meubels en lampen zijn opgenomen in collecties van onder meer het Stedelijk Museum (Amsterdam), MoMA (New York), Vitra Design Museum (Duitsland), Design Museum (Londen) en het National Museum (Oslo). Jaarlijks brengt hij meerdere nieuwe objecten uit; recentere toevoegingen zijn de Row Chair, vaas Selenite en vloerlamp Accrete, die speelt met breking en lenswerking van de laagstructuur.
Privé is Van der Kooij een praktisch ingestelde maker die houdt van eenvoud en experimenteren. Hij groeide op in Purmerend zonder televisie, leerde al jong lassen en houtbewerken en verdiende vroeg geld met zelfgemaakte meubels. Zijn onderneming bestaat uit een team van ongeveer twaalf mensen; familieleden hebben meegewerkt, en zijn vader springt nog geregeld bij met de bezorgbus. Persoonlijk leed tekent zijn verhaal: beide broers zijn overleden (een motorongeluk en een hersentumor), wat hem hard raakte en leidde tot een periode van moeilijkheden en herstel.
De studio zelf breidt uit: op hetzelfde terrein wordt gebouwd aan een nieuwe, grotere locatie van circa 3.000 m2 waar hij dit jaar naar wil verhuizen om meer experimentruimte te krijgen. Van der Kooij woont boven de werkplaats, werkt zelden over zoals vroeger en noemt leidinggeven wisselend plezierig en lastig; hij heeft een conflictvermijdend karakter en probeert het bedrijf zo in te richten dat creativiteit en vakmanschap centraal blijven.
Kortom: Dirk van der Kooij combineert technische vindingrijkheid en recycling met een herkenbare, speels-serieuze vormtaal. Zijn aanpak – robots en extruders inzetten om gerecycled plastic in zichtbare lagen te ‘tekenen’ en vervolgens met de hand te finetunen – levert zowel esthetische als duurzame statements op, en heeft hem een vaste plek in de internationale designwereld opgeleverd.