Dierenfilmpjes zijn een lucratief businessmodel. Toen kwam 'AI trash'
In dit artikel:
Generaties lang waren grappige dierenfilmpjes afhankelijk van echte dieren en toevallige gebeurtenissen. Van de boksende katten van dierentrainer Henry Welton in 1894 tot moderne filmpjes op TikTok, Instagram en YouTube: zulke beelden groeiden uit tot een lucratieve industrie. Bedrijven als The Dodo, ViralHog en Jukin Media verzamelen, licentiëren en exploiteren de content. De bredere huisdierenindustrie was in 2025 volgens Bloomberg Intelligence meer dan 380 miljard dollar waard; dierencontent zelf zou circa 2,5 miljard dollar opleveren.
Generatieve AI verandert dat verdienmodel ingrijpend. Met één opdracht kan een maker tientallen filmpjes produceren, bijvoorbeeld van een labrador die een eendje redt, zonder dieren, filmploeg, toestemming of toevallige gebeurtenis. Daardoor neemt het aanbod snel toe en verdwijnt de schaarste aan bijzondere echte beelden. Tegelijk twijfelen kijkers steeds vaker aan de echtheid van álle dierenfilmpjes.
Dat overkomt ook Pieter van Vollenhoven, die sinds 2018 veel aandoenlijke dierenvideo’s deelt op X en ongeveer 76.700 volgers heeft. Het AD noemde hem eind 2025 een verspreider van nepfilmpjes. Ondanks waarschuwingen van volgers bleef hij onder meer een video delen van een olifant met kinderen in overstroomd Nepal. Een analyse met de AI-tool Grok wees op onnatuurlijke bewegingen en kunstmatige enscenering. Van Vollenhoven zegt dat hij van dieren houdt, maar niet altijd kan zien of beelden door AI zijn gemaakt. Hij vindt dat makers en verspreiders wettelijk moeten melden wanneer content kunstmatig is.
De opkomst van AI schaadt ook makers van echte dierencontent. Contentmaker Sterre Boot bouwde met filmpjes van haar katten Coco en Bisous een groot publiek en commerciële samenwerkingen op. Toch vragen volgers zich inmiddels soms af of haar beelden echt zijn. Een video waarin de driepotige Bisous een deur opent, werd bijvoorbeeld ten onrechte als AI bestempeld. Volgens Boot legt AI bovendien de lat onrealistisch hoog: adverteerders verwachten soms dat katten precies volgens een script reageren.
Volgens hoogleraar Lotte Willemsen kunnen kunstmatige beelden alsnog overtuigen, omdat mensen zich gemakkelijk verbinden met fictieve personages en menselijke eigenschappen toeschrijven aan dieren of andere niet-menselijke figuren. Onderzoek laat volgens haar zien dat AI-content, ondanks twijfels over de betrouwbaarheid, vergelijkbare aankoopintenties kan oproepen als echte content.
Dierenonderzoeker Maarten Reesink vindt AI mogelijk juist diervriendelijker, omdat dieren niet meer hoeven te worden ingezet voor gekunstelde filmpjes. Toch ontleent hij de aantrekkingskracht van zulke video’s vooral aan het feit dat ze echt zijn. Hij ziet liever dat kijkers nepaanbieders negeren dan dat er meteen een verbod komt. De ironie daarvan bleek toen Van Vollenhoven een kunstmatig mensenfilmpje deelde, kritiek kreeg en de retweet vervolgens verwijderde.
Vandaag Inside: Dít Vandaag Inside-fragment staat in Tina's top 75 van meest spraakmakende tv-momenten ooit!