DNB voorziet summiere groei Nederlandse economie
In dit artikel:
De Nederlandsche Bank (DNB) waarschuwt in de Voorjaarsraming 2026 voor een verzwakte groei, aanhoudende inflatie en een begrotingstekort boven de Europese norm. De ramingen, gepresenteerd op 12 juni, laten zien dat de Nederlandse economie dit jaar naar verwachting slechts met 0,8% groeit — ruim de helft minder dan de 1,8% in 2025 en duidelijk lager dan de 1,2% die DNB in december voorzag. De belangrijkste trigger is een energieprijsschok door de oorlog in het Midden-Oosten: de afsluiting van de Straat van Hormuz heeft de olieprijs in korte tijd met circa 90% opgedreven, wat zowel wereldhandelsgroei als huishoudelijke koopkracht aantast.
Consumenten zetten de hand op de knip en sparen meer; particuliere consumptie stagneert vrijwel. Bedrijven houden investeringen terug vanwege hogere energiekosten, stijgende rente en meer onzekerheid. De enige motor van groei dit jaar is de overheid — met name extra banen in defensie en de zorg — die het bbp nog enigszins overeind houdt.
DNB verwacht een inflatie van 2,7% in 2026, lager dan sommige andere instellingen (Rabobank rekent op 3,0% dit jaar) maar hoger dan vorig jaar. De bank baseert zich op de veronderstelling dat energieprijzen vanaf medio 2027 zullen dalen volgens huidige oliefutures; dat maakt de prognose kwetsbaar als de markt langer gespannen blijft. Kerninflatie (zonder energie en voeding) blijft volgens DNB in 2027–2028 boven de 2%; huurlasten stijgen dit jaar met ongeveer 4,6%, waardoor vooral lagere inkomens harder worden geraakt.
Het overheidstekort loopt op naar circa 3,3% van het bbp, boven de Europese drempel van 3%. Een deel is eenmalig — onder meer een hervorming van het militaire pensioenstelsel ter waarde van €8,2 miljard — maar structurele stijgingen in zorg-, sociale zekerheid- en personeelsuitgaven en hogere rentelasten (naar circa 1% van het bbp in 2028, ≈ €13–14 miljard per jaar) drukken het saldo blijvend.
DNB roept beleidsmakers op om de afhankelijkheid van fossiele energie en kwetsbare toeleveringsketens in Europees verband te verminderen, fiscale prikkels te hervormen die laagproductieve bedrijven kunstmatig in leven houden, en een prudenter begrotingsbeleid te voeren. De bank waarschuwt dat de beperkte marge onder de 3%-norm weinig speelruimte biedt om nieuwe schokken op te vangen.