ECB verhoogt rente in juni door oorlogsinflatie; pad daarna onduidelijk - Reuters-peiling
In dit artikel:
Een Reuters-enquête (17–23 april) onder 85 economen laat zien dat de meeste verwachtingen uitgaan van een ongewijzigde depositorente op 30 april (2%), maar dat iets meer dan de helft inziet dat de ECB in juni met een voorzorgsverhoging van een kwartpunt kan komen (naar 2,25%). Er bestaat echter geen overeenstemming over wat daarna volgt: 34 van de 85 voorspelden minstens nog één extra verhoging voor het einde van het jaar, terwijl 35 verwachten dat de rente dit jaar helemaal ongemoeid blijft.
De aanleiding voor het debat is de energieprijsstijging sinds het uitbreken van de oorlog in het Midden-Oosten. Brent-olie draaide deze maand rond de $100 per vat, duidelijk boven de ECB‑aanname van maart ($90) en zorgwekkend omdat hogere brandstofprijzen de inflatie en de verwachtingen daarvan kunnen opdrijven. De jaarlijkse inflatie in de eurozone steeg van 1,9% in februari naar 2,6% vorige maand; voor de komende drie kwartalen rekenen economen op gemiddeld net iets boven 3% en voor het jaar op 2,7%.
Beleidsmakers bij de ECB zijn voorzichtig: zij benadrukken dat energiekosten buiten hun invloed liggen en dat ze bewijs nodig hebben van bredere, tweede-ronde-inflatie-effecten voordat ze rigoureuze stappen zetten. Tegelijk willen zij de fout van 2011 vermijden, toen snelle renteverhogingen de schuldenproblematiek in de eurozone verergerden. Voorstanders van een juni‑stap zien die vooral als een verzekeringsmaatregel om toekomstige inflatieverwachtingen in toom te houden; tegenstanders wijzen erop dat als olie rond $100 blijft, de bank ruimte heeft om af te wachten zolang verwachtingen niet ontsporen.
De economische vooruitzichten zijn afgezwakt: kwartaalgroei wordt dit jaar rond 0,2% verwacht, wat uitkomt op 0,9% groei in 2026 (bijgesteld van 1,2%). Duitsland en Frankrijk worden dit jaar geschat te groeien met respectievelijk 0,7% en 0,9%. Financiële markten prijzen momenteel meer dan twee renteverhogingen in voor 2024, maar de interne verdeeldheid onder economen toont aan dat het monetaire pad de komende maanden onzeker blijft.