ECB verhoogt (zoals verwacht) rente: verschillende banken hebben spaarrente nu al opgetrokken
In dit artikel:
De Europese Centrale Bank (ECB) voerde – zoals verwacht – een renteverhoging van 25 basispunten door, waarmee de depositorente stijgt van 2,00 naar 2,25 procent. Banken hebben daarop al gereageerd door spaarproducten bij te stellen; Belfius biedt sinds 1 juli de hoogste gecombineerde spaarrente in België op zijn Flow-rekening: een basisrente van 1,6% plus een getrouwheidspremie van 1,5%, samen 3,1%.
Andere spelers volgden: BNP Paribas Fortis introduceerde de Boost-formule (1,4% basis + 1,5% getrouwheid = 2,9%), VDK verhoogde de Ritme-rekening naar 2,95% (1,45% + 1,5%) en Argenta trok de rente op de Groeirekening op naar 1,5% basis (3,0% totaal met getrouwheidspremie). Deze aanpassingen zijn een directe reactie op het ECB-besluit en de hogere marktrentes.
Er schuilt wel een beperking in veel van deze aantrekkelijke tarieven: het gaat om spaarproducten met een maximaal maandelijks stortingsbedrag, niet om klassieke vrij opneembare spaarboekjes. Bij Belfius is dat plafond 600 euro per maand; bij BNP Paribas, VDK en Argenta ligt het op 500 euro per maand. Bovendien kan vervroegd opnemen of het niet een jaar laten staan van het geld (de loyaliteitsperiode) leiden tot verlies van (een deel van) de getrouwheidspremie. Daardoor zijn deze formules vooral interessant voor wie systematisch een deel van zijn loon maandelijks opzijzet; vind je al een groot bedrag beschikbaar, dan blijven andere opties vaak aantrekkelijker.
De renteverhoging van de ECB volgt op oplopende inflatie in de eurozone (3,2% in mei), aangedreven door hoge energieprijzen en geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten en de Straat van Hormuz. In België ligt de inflatie zelfs rond 4,08%, waardoor de reële rendementen van spaargelden nog negatief blijven ondanks de hogere spaarrentes. Voor spaarders die reële waardebehoud wensen, betekent dat dat alternatieve beleggingsvormen overwogen moeten worden.
Ook nadelige effecten: hogere marktrentes vertalen zich in duurdere woonleningen. De gemiddelde 20‑jarige vaste hypotheekrente staat rond 3,78% (ongeveer 0,49 procentpunt hoger dan een jaar geleden), wat op een lening van €300.000 al tienduizenden euro’s extra rente kan betekenen. Voor de overheid betekent een hogere rente ook hogere financieringskosten; het Federaal Agentschap van de Schuld waarschuwt dat langdurig hogere rentes de begroting flink kunnen belasten (een structurele stijging van 1 procentpunt over enkele jaren zou miljarden extra kosten per jaar betekenen).
Kortom: spaarrentes stijgen en sommige rekeningen worden aantrekkelijker, maar met beperkingen en nog altijd onder het inflatieniveau. Wie vermogen wil beschermen of laten groeien, moet rekening houden met de beperkte stortingsmogelijkheden van de nieuwe spaarformules en de bredere effecten van hogere rentes op kredieten en overheidsschulden.