Euro zwakker na bericht over vertrek ECB-chef; dollar hoger na data en Fed-notulen
In dit artikel:
In Londen noteerden valuta’s woensdag beweeglijkheid nadat de Financial Times meldde dat ECB-president Christine Lagarde van plan zou zijn haar functie voortijdig neer te leggen. De euro daalde licht tot ongeveer $1,1831, maar marktpartijen zien naar verwachting weinig directe beleidsimpact op korte termijn omdat een machtswisseling pas later relevante beleidskeuzes zou beïnvloeden. Lagarde, in functie sinds 2019 en sturing gevend aan de sterke verkrappingsronden van 2022–2023, zou vertrekken op een moment dat inflatie dichter bij het doel van de ECB staat en renteverhogingen minder voor de hand liggen; haar termijn loopt formeel tot oktober 2027. Genoemde opvolgers zijn onder anderen Klaas Knot, Pablo Hernández de Cos en Joachim Nagel.
Tegelijkertijd trok de Amerikaanse dollar aan richting de publicatie van de notulen van de Fed-vergadering van januari. Beleggers rekenen erop dat die notulen duidelijkheid geven over of de Fed verdere renteverlagingen zal overwegen na de ongewijzigde beleidsbeslissing vorige maand, en dat heeft de dollarindex doen oplopen naar circa 97,27.
Regionale beleidsbesluiten beïnvloedden andere valuta’s: de Nieuw-Zeelandse dollar zakte ruim 0,8% naar ongeveer $0,6001 nadat de Reserve Bank of New Zealand de rente onveranderd liet op 2,25% en aangaf de monetaire houding ruim te willen houden om herstel te ondersteunen — dit was de eerste bijeenkomst onder gouverneur Anna Breman. De Japanse yen verzwakte iets tot rond ¥153,73 per dollar nadat de VS aankondigde dat Japan drie infrastructuurprojecten ter waarde van $36 miljard zal financieren; zulke investeringen kunnen de yen-dollarverhouding structureel beïnvloeden als zij doorgaan.
Daarnaast bleven geopolitieke ontwikkelingen relevant: indirecte onderhandelingen tussen Iran en de VS en door de VS bemiddelde besprekingen tussen Oekraïne en Rusland verhogen onzekerheid op markten. Andere kleine bewegingen: de Australische dollar daalde licht naar ongeveer $0,7070, het Britse pond bleef nagenoeg stabiel rond $1,3564 na gemengde inflatiecijfers.