Europa warmt sneller op dan de rest van de wereld - met meer bosbranden en ijsverlies tot gevolg

woensdag, 29 april 2026 (04:19) - Het Financieele Dagblad

In dit artikel:

Een nieuw rapport van het Europees Centrum voor Weersverwachtingen op Middellange Termijn (ECMWF), de Europese klimaatdienst Copernicus en de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) waarschuwt dat Europa momenteel het snelst opwarmende werelddeel is. Ongeveer honderd weer- en klimaatonderzoekers legden gegevens over 2025 en langerlopende trends vast en concluderen dat de gemiddelde temperatuur op het continent met circa 0,56 °C per decennium stijgt — ruim tweemaal zo snel als het mondiale gemiddelde. Het onderzoek bestrijkt niet alleen EU-lidstaten maar alle vijftig Europese landen plus Groenland, de Zuid-Kaukasus en een klein deel van het Midden-Oosten.

In 2025 lag de jaartemperatuur in zeker 95% van Europa boven het langjarige gemiddelde. Achter de versnelde opwarming staan vooral de algemene toename van broeikasgassen en regionale factoren: de aanwezigheid van snel opwarmende Arctische gebieden en onverwacht ook schonere lucht. De terugloop van aerosolen door strengere luchtkwaliteitsregels laat meer zonnestraling het oppervlak bereiken, waardoor opwarming toeneemt.

De gevolgen zijn al zichtbaar en verstrekkend. Zomers 2025 bracht uitzonderlijke hitte boven Scandinavië, waarbij op plaatsen binnen de poolcirkel temperaturen boven 30 °C werden gemeten. Dat droeg bij aan recordverlies van ijs: IJsland noteerde het een-na-grootste gletsjerverlies ooit en de Groenlandse ijskap verloor ongeveer 139 miljard ton ijs, wat bijdraagt aan de stijgende zeespiegel. Europese zeeoppervlakken waren voor het vierde achtereenvolgende jaar recordwarm (gemiddeld bijna 11 °C in 2025).

Droogte en hitte leidden ook tot zeer grootschalige natuurbranden: in 2025 werd meer dan een miljoen hectare verwoest — een groter oppervlak dan Cyprus — met zware uitbraken in Spanje, Portugal (22 grote branden in augustus) en uitzonderlijk hoge vuurgerelateerde emissies in Nederland en Duitsland. Minder sneeuwval vermindert de wateraanvoer naar waterkrachtreservoirs en bedreigt energieopbrengst in landen als Noorwegen. Tegelijk staat biodiversiteit onder druk door verlies van leefgebieden en verminderde zoetwatervoorziening, met implicaties voor landbouw, industrie en koelwaterbehoefte.

Samantha Burgess van ECMWF noemt het beeld “grimmig” en benadrukt dat klimaatverandering geen verre toekomst meer is. De WMO en ECMWF waarschuwen dat de EU waarschijnlijk zijn doel om tegen 2030 minstens 20% van land- en zeegebied te beschermen en te herstellen niet zal halen. Dušan Chrenek (DG Clima) noemt versnelde inspanningen en uitstootreductie noodzakelijk en wijst op de lopende internationale conferentie in Colombia over het uitfaseren van fossiele brandstoffen als een stap in de goede richting.

Kortom: het rapport laat zien dat Europa sneller opwarmt dan elders en dat de maatschappelijke en ecologische gevolgen — van hitte en brand tot smeltend ijs en watertekorten — al ingrijpend zijn. Aanpassing en veel grotere emissiereducties worden beide als essentieel genoemd.