Europese beurzen openen lager
In dit artikel:
Europese beurzen openen donderdag iets lager, ondanks een gemeld staakt-het-vuren tussen Israël en Libanon, terwijl grotere geopolitieke spanningen tussen de VS en Iran beleggers blijven verontrusten. IG rekent op dalingen voor de DAX, CAC 40 en FTSE 100. Tegelijk zorgt president Trump voor extra onzekerheid door opnieuw te dreigen met brede importheffingen van minstens 10% richting belangrijke handelspartners, met name China, de EU en Japan — een poging om een eerder door het Amerikaanse Hooggerechtshof ongedaan gemaakte tariefregeling nieuw leven in te blazen.
De olieprijzen klommen circa 2% nadat er nieuwe militaire schermutselingen waren tussen de VS en Iran; de Amerikanen en Iraniërs voerden recent wederzijdse aanvallen uit op schepen en doelen in de regio, hoewel de VS aangeven dat het bestand nog steeds geldt. Dit onzekere veiligheidsbeeld zet de markten onder druk en voedt pessimisme over een snel akkoord dat de Straat van Hormuz weer volledig zou openen.
Economisch nieuws draagt ook bij aan het sombere plaatje. De OESO waarschuwt voor een duidelijke vertraging van de wereldeconomie dit jaar; hogere energieprijzen drukken consumentenbestedingen en investeringen. In Europa bleef de dienstensector in mei in ongeveer hetzelfde tempo werken als in april, maar economen van S&P menen dat krimp in het tweede kwartaal zeer aannemelijk is en dat de prijsdruk toeneemt — mogelijk richting 4% inflatie — wat het beleid van de ECB lastig maakt. Eurostat meldde dat producentenprijzen in de eurozone in april met 0,6% stegen (veel lager dan maart), exclusief energie +0,9% maand-op-maand.
Op bedrijfsniveau waren de koersbewegingen uiteenlopend. Inditex kreeg steun van handhaafde outlook en steeg in Madrid; in Frankfurt profiteerden RWE en E.ON, terwijl onder meer Heidelberg Materials, Deutsche Bank, SAP en Scout24 flink daalden. In Londen sprong B&M omhoog na resultaten, terwijl ICG en WPP verloren. In Parijs wonnen Air Liquide en nutswaarden terrein; autotitels en luxehuizen (Stellantis, Renault, Kering, LVMH) stonden onder druk. In Amsterdam vielen Prosus en Adyen duidelijk terug; chipnamen ASMI en ASML noteerden winst, mede na dat JPMorgan het koersdoel voor ASML fors ophief en de sector blijft profiteren van de AI-hype. Shell sloot hoger dankzij de olieprijs. AkzoNobel kelderde ruim 17% nadat potentiële kopers Nippon Paint en Sherwin-Williams verdere bodpogingen staakten; Akzo mikt nu op een fusie met Axalta.
Wall Street opende woensdag op verlies en sloot lager na de nieuwe escalatie-rondes rond de Perzische Golf; de S&P 500 eindigde voor het eerst in tien dagen lager. Toch blijft het marktsentiment deels gedragen door enthousiasme rond AI-gerelateerde aandelen: chipfabrikanten blijven sterke prestaties laten zien. Macro-cijfers toonden dat de Amerikaanse private werkgelegenheid in mei steviger groeide dan verwacht (+122.000 volgens ADP), een indicator waar beleggers en de Fed bij de komende rentebesluiten op letten. Analisten houden rekening met een niet-onderschatte kans op beleidsactie van de Fed in juni, maar meningen verschillen.
Bedrijfsnieuws uit de VS: SpaceX zou bij de geplande beursgang mikken op een waardering rond 1,75 biljoen dollar; Baidu plant een notering van zijn chipdivisie in Hongkong; Macy’s verhoogde de jaarverwachting na sterke vergelijkbare omzetgroei; Broadcom rapporteerde hogere aangepaste winst maar zag het aandeel nabeurs dalen. In Azië stonden de beurzen eveneens in het rood.
Valuta: EUR/USD rond 1,1608. Belangrijke macro-items op de agenda volgen deze donderdag: detailhandelsverkopen (april eurozone), wekelijkse steunaanvragen en arbeidskostencijfers VS, plus bedrijfsrapporten zoals Brown‑Forman. Kortom: markten balanceren geopolitieke risico’s en stijgende energieprijzen tegen aanhoudend optimisme in de technologiesector en de onzekerheid rond centraalbankbeleid.