Europese beurzen sluiten bewogen week negatief af
In dit artikel:
Europese beursindices sloten vrijdag overwegend lager nu beleggers zich zorgen blijven maken over de onzekere situatie rond vredesgesprekken tussen de VS en Iran en de daarmee samenhangende spanningen in het Midden-Oosten. De Stoxx Europe 600 verloor 0,6% naar 610,65 punten, waarmee de index deze week ongeveer 2,5% inlevert. De Duitse DAX daalde licht naar 24.128,98 punten; Parijs (CAC 40) en Londen (FTSE 100) noteerden verliezen van respectievelijk 0,8% en 0,8%, terwijl Milaan 0,5% verloor.
Het marktsentiment wordt gedomineerd door ontwikkelingen rond de Straat van Hormuz. President Donald Trump zei donderdag dat hij geen tijdschema wil geven voor het einde van de oorlog, noemde de doorgang in de Straat van Hormuz "potdicht" en gaf opdracht aan de Amerikaanse marine om vaartuigen die mijnen leggen te vernietigen. Door Iraanse aanvallen en Amerikaanse tegenacties is varen door die zeestraat de afgelopen dagen vrijwel onmogelijk geworden. De Iraanse minister van buitenlandse zaken Abbas Araghchi meldde vrijdag onderweg te zijn naar Islamabad voor overleg met regionale partners, maar het is onduidelijk of Iran opnieuw aan vredesonderhandelingen met de VS zal deelnemen.
De olieprijs bleef vrijdag relatief stabiel maar steeg in de loop van de week met meer dan 10%, wat extra druk op inflatieverwachtingen zet. Bank of America waarschuwt dat verdere olieprijsstijgingen mogelijk zijn; hoewel analisten korte verstoringen en veerkrachtige wereldwijde groei verwachten, maken hogere energieprijzen gecombineerd met verslechterende inkoopmanagersindices (PMI’s) voor de eurozone hen voorzichtiger.
Economische cijfers versterken dat beeld: consumenten- en ondernemersvertrouwen staan onder druk. Het Franse consumentenvertrouwen zakte in april van 89 naar 84 — de grootste daling sinds maart 2022. Het Duitse Ifo-instituut rapporteerde een verslechtering van het ondernemersvertrouwen; de samengestelde index voor industrie en handel daalde naar 84,4, het laagste niveau sinds de coronapandemie. Ook in de VS daalde het consumentenvertrouwen in april; Amerikanen verwachten dat de inflatie het komende jaar rond 4,7% zal liggen, tegen 3,8% in maart.
Rentes veranderden weinig en de euro noteerde nagenoeg vlak rond 1,1703 dollar.
Op sectorniveau en per aandeel waren er opvallende uitslagen. In Frankfurt won SAP 4,7% na bemoedigende cijfers; Siemens Energy en Infineon stonden eveneens in de plus. Rheinmetall viel zwaar terug (-6,2%). In Parijs presteerde Dassault Systèmes goed, terwijl autofabrikanten en defensiegerelateerde namen, zoals Stellantis, flink daalden. In Amsterdam was Adyen een koploper (+~5%) na de overname van het Duitse Talon.One voor €750 mln en een kwartaalupdate met 20% omzetgroei tot €621 mln; Besi steeg na koersdoelverhogingen. In Brussel viel Azelis op met bijna 7% winst; halvegeleiderbedrijven deden het elders in Europa ook goed. Biotechnamen Argenx en UCB noteerden verliezen van circa 3%.
Tegen het Europese slot stonden de Amerikaanse beurzen verdeeld: Intel schoot 24% hoger dankzij sterke cijfers en een robuuste outlook, wat de Nasdaq in de plus zette.