Europese beurzen sluiten lager
In dit artikel:
De Europese aandelenmarkten sloten donderdag overwegend lager. De brede STOXX Europe 600 verloor 0,1 procent, terwijl de DAX 0,4 procent en de CAC 40 0,6 procent daalden. De FTSE 100 bleef vrijwel onveranderd en de FTSE MIB steeg 0,1 procent.
Beleggers werden opnieuw geconfronteerd met hogere obligatierentes, nadat de tijdelijke daling van woensdag was weggeëbd. Die daling volgde op het Amerikaanse voornemen om meer langlopende staatsobligaties op te kopen. Volgens analisten van JPMorgan en ING lost deze maatregel de onderliggende problemen — hoge inflatie, grote begrotingstekorten en omvangrijke leningen van technologiebedrijven — niet op en kan hij het vertrouwen in Amerikaanse staatsleningen zelfs schaden. De Amerikaanse dertigjaarsrente lag rond 5,23 procent en de tienjaarsrente rond 4,67 procent.
Ook de olieprijs liep voor de vijfde dag op rij op. President Donald Trump kondigde een grote economische campagne tegen Iran aan, terwijl de spanningen rond de Straat van Hormuz hoog blijven en er geen nieuwe gesprekken tussen de VS en Iran gepland staan. De dreiging van verdere escalatie hield een risicopremie op energie in stand en wakkerde zorgen over inflatie aan. Brentolie werd 2,5 procent duurder op 93,76 dollar per vat.
Duitse producentenprijzen stegen in juli met 3 procent op jaarbasis, tegen 1,8 procent in juni. De Zweedse centrale bank hield de rente ongewijzigd, maar liet een verhoging mogelijk. Amerikaanse economische cijfers bleven ondertussen veerkrachtig.
Bij de bedrijven kreeg Danone goedkeuring voor de overname van Huel en steeg het aandeel 0,8 procent. JD Sports verloor 14,3 procent na een verlaging van de jaarverwachting; Adidas daalde 3,1 procent. Oliebedrijven Shell en TotalEnergies profiteerden van de hogere olieprijs, terwijl staalproducenten zoals ArcelorMittal, Aperam en Umicore stevig terrein verloren.
De Oranjezomer: Catherine Keyl richt zich tot premier Rob Jetten: 'Ga gewoon je werk doen!'