Hete CPI in september stuwt verwachtingen renteverhoging op
In dit artikel:
De Amerikaanse consumentenprijzen zijn in september sterker gestegen, waardoor een renteverhoging door de Federal Reserve later deze maand opnieuw in beeld komt. Volgens cijfers van het Amerikaanse Bureau of Labor Statistics steeg de consumentenprijsindex (CPI) met 0,6% ten opzichte van augustus, toen de stijging 0,4% bedroeg. Op jaarbasis liep de inflatie op van 3,4% naar 3,7%, vrijwel in lijn met de verwachtingen van economen.
De belangrijkste aanjager was benzine: die werd in september 7,1% duurder en was verantwoordelijk voor meer dan de helft van de maandelijkse stijging. Ook de onderliggende prijsdruk blijft echter hardnekkig. De kern-CPI, exclusief voeding en energie, steeg voor de tweede maand op rij met 0,3%. Op jaarbasis kwam de kerninflatie uit op 2,6%, tegen 2,4% in augustus. Vooral huisvesting, vliegtarieven en goederen droegen bij aan de prijsstijgingen.
De cijfers compliceren de beslissing van de Fed, die haar beleidsrente momenteel in de bandbreedte van 3,75% tot 4% houdt en streeft naar 2% inflatie. Marktprijzen wijzen inmiddels op een aanzienlijk grotere kans dat de centrale bank tijdens haar vergadering over twee weken de rente handhaaft, terwijl de kans op een verhoging juist is toegenomen. Economen en beleggers verschillen over de vraag of een verhoging al in oktober komt, maar velen achten een stap in december waarschijnlijker. Zij waarschuwen bovendien dat hoge energieprijzen de inflatie verder kunnen verbreden.
Financiƫle markten reageerden negatief. Amerikaanse aandelenfutures daalden, terwijl de rente op tweejarige en tienjarige staatsobligaties sterk opliep. De dollar steeg naar het hoogste niveau in achttien maanden en goud verloor terrein. Beleggers verwachten daarmee langer hoge rentes en meer volatiliteit, vooral bij rentegevoelige aandelen en obligaties.
Vandaag Inside: VVD'er valt woonminister aan over uitspraken voorrang statushouders