In de Braziliaanse wildernis, waar tot slaaf gemaakten heen vluchtten
In dit artikel:
Alto Paraíso de Goiás, een dorpje van ongeveer 900 inwoners in het Braziliaanse binnenland, is de belangrijkste toegangspoort tot het nationale park Chapada dos Veadeiros. Het gebied ligt op zo’n drie uur rijden van Brasilia en staat op de Werelderfgoedlijst van Unesco. Bezoekers komen er voor de rode zandwegen, rotsplateaus, kraakheldere beken en honderden watervallen. Sommige gesteenten zijn naar schatting twee miljard jaar oud.
De Chapada is ook het leefgebied van de Kalunga, Afro-Braziliaanse nazaten van tot slaaf gemaakte mensen die in de achttiende eeuw ontsnapten uit de Portugese goudmijnen. Hun voorouders trokken diep het moeilijk toegankelijke binnenland in om aan vervolging te ontkomen. Inmiddels wonen er naar schatting 1600 Kalunga-families, verdeeld over 39 gemeenschappen. Daarmee vormen zij de grootste quilombogemeenschap van Brazilië.
Veel Kalunga’s kennen het gebied van generatie op generatie en werken als gids. De reiziger wordt begeleid door de 25-jarige Crislâne Francisco Alves, die in Cavalcante woont en zelf in een kleine quilombo is geboren. Samen vertrekken ze voor zonsopgang naar de Santa Barbara-waterval, een van de bekendste bezienswaardigheden in de regio. Na een lange rit over door regenval kapotgereden zandwegen en een wandeling door dicht struikgewas bereiken ze een waterval die dertig meter naar beneden valt in een turkooizen bassin.
De vroege start is nodig vanwege de hitte, die ook in de Braziliaanse winter tot ongeveer 30 graden kan oplopen. De Kalunga beperken bovendien de verblijfsduur en bezoekersaantallen bij de waterval om de kwetsbare natuur te beschermen. Onderweg vertelt Francisco Alves over planten, dieren en het natuurlijke vuurbeheer van de cerrado. Bosbranden zijn er een terugkerend en deels noodzakelijk onderdeel van het ecosysteem: de vegetatie vernieuwt zich en ara’s gebruiken holle, afgebrande bomen als nest. De kennis van de Kalunga over natuur en brandbestrijding wordt inmiddels ook internationaal benut; Canada haalde vorig jaar tientallen Kalunga’s naar het land om te helpen bij bosbranden rond Vancouver.
Na de wandeling eten de bezoekers in een hut van mauritiuspalmbladeren een maaltijd met onder meer stoofvlees, rijst, vis en farofa. De gerechten weerspiegelen de vermenging van inheemse, Afrikaanse en Portugese invloeden in Brazilië. Zo is cassave afkomstig uit de inheemse keuken en zijn stoofgerechten verbonden met de kooktradities van tot slaaf gemaakte mensen.
Naast natuur en cultuur trekt Alto Paraíso ook bezoekers vanwege kwartskristallen, waaraan sommige bewoners spirituele krachten toeschrijven. Rond het dorp zijn kristalmijnen en worden genezings- en spirituele reizen aangeboden. Francisco Alves gelooft daar niet in. Ook verhalen over buitenaardse lichten trekken toeristen: in 2024 werd zelfs voorgesteld Alto Paraíso tot ufohoofdstad van de wereld te verklaren, maar dat plan werd na lokaal verzet ingetrokken.
De meeste bezoekers komen uiteindelijk voor de watervallen, bronnen en eeuwenoude tradities. Ondanks de mogelijkheid om elders te studeren of werken, keren veel Kalunga’s terug naar hun gemeenschappen. Ook Francisco Alves wil de kennis en cultuur van haar volk doorgeven aan haar dochters.
Vandaag Inside: 'Directeurtje staat te trappelen om Stefan de Walle op te volgen als Sinterklaas'