Kunstenaar Tina Farifteh zoekt een thuis: 'Hier voelde ik wat het betekent ontheemd te zijn'
In dit artikel:
Ze rent de Waddendijk op, stapt door het lange gras en stopt even om het uitzicht te zoeken: de eilanden Vlieland en Terschelling tekenen zich in de verte. Die ervaring — de ‘wowfactor’ van het Wad — was voor Tina Farifteh bepalend toen ze tijdens de coronapandemie besloot Amsterdam te verlaten en zich te vestigen in Sexbierum, een Fries dorp met een naam die haar vrienden amusant vonden. Een klein huisje achter de begraafplaats, een verwilderde tuin en de nachtelijke sterrenhemel — het gebrek aan lichtvervuiling en het maanlicht (mahtab in het Farsi) maakten diepe indruk op haar.
Farifteh kwam op haar dertiende met haar moeder en broer uit Teheran naar Nederland en doorliep daarna een traditionele carrièreweg: twee masters in bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit en werk als marketingmanager. Toch trok de wereld haar verder: ze reisde overland naar Mongolië, deed allerlei klussen van schaapherder tot lerares Engels en kocht haar eerste professionele camera. Die reizen wakkerden een verlangen aan om minder ‘opgesloten’ te leven en uiteindelijk maakte ze de ommezwaai naar de kunstwereld: ze studeerde aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag en specialiseerde zich in film en fotografie.
Haar werk zoekt steeds naar vragen, niet naar kant-en-klare beelden. In de installatie Toen ik de zon en de maan tegelijk zag speelt de dijk als landschap de hoofdrol: een video- en lichtwerk waarin elk uur van een etmaal gecomprimeerd wordt tot één minuut en dat onderzoekt of een plek een veilige haven kan bieden aan mensen zonder thuis. Dit werk is aangekocht door het Fries Museum. Voor het Rijksmuseum maakte ze Asiel, een filmisch portret van een Afrikaanse vluchteling — gefilmd onherkenbaar, gefocust op de ogen en op bureaucratische en publieke framing van asielzoekers — waarmee ze vragen stelt over behandeling en empathie. Dat project leverde haar dit jaar de eerste prijs Storytelling van De Zilveren Camera op. Eerder won ze die prijs ook voor de korte documentaire Kitten of vluchteling?, die ongemakkelijke dilemma’s over wie we redden en wie we welkom heten blootlegt.
Fariftehs werkwijze is onderzoekend en participerend: ze gaat op mensen af, vraagt veel en bouwt intieme relaties op. In Sexbierum leidde dat tot een onverwachte vriendschap met Auke, een 83‑jarige ex‑aardappelboer die haar de ins en outs van de lokale mienskip leerde. Zijn advies: ‘met alles meedoen’. Ze kaatst mee, groet iedereen en schuift aan bij de bakker — zonder haar deur altijd open te laten: een grens blijft. Die persoonlijke betrokkenheid dient een groter thema in haar werk: ontheemd zijn, wortelen en wat thuis eigenlijk betekent voor mensen met uiteenlopende achtergronden.
Persoonlijk erkent Farifteh dat elk nieuw project gepaard gaat met angst; ze is bang voor de emotionele impact van het werk op zichzelf. Toch drijft die kwetsbaarheid haar juist tot diepgaandere kunst: ze wil dingen weten en tonen die empathie en reflectie oproepen. Haar praktijk situeert zich daarmee op de grens van documentaire en installatiekunst en plaatst landelijke landschappen en kleine gemeenschappen naast urgente maatschappelijke vraagstukken als migratie en solidariteit.
Het artikel illustreert hoe een kunstenaar met migratieachtergrond en een nomadisch karakter in een Fries dorp wortel schiet, en hoe die plek tegelijkertijd als werkveld fungeert voor het onderzoeken van thuis, zichtbaarheid en menselijke verbondenheid.
Vandaag Inside: Wilfred Genee geeft twee fouten toe: 'Je hebt alles verknald, man!'