Loro Piana opnieuw onder vuur: Italiaans luxemerk onder toezicht na misstanden

maandag, 14 juli 2025 (22:46) - IEX.nl

In dit artikel:

Loro Piana, onderdeel van het luxeconcern LVMH, is door de rechtbank van Milaan onder gerechtelijk toezicht geplaatst wegens misstanden in de toeleveringsketen, waarbij Chinese arbeiders onder erbarmelijke omstandigheden werden uitgebuit. Na een politieonderzoek naar een Chinees atelier in de buitenwijken van Milaan verschenen meldingen dat tien arbeiders, deels zonder papieren, tot 90 uur per week voor een extreem laag loon van 4 euro per uur werkten en in illegale slaapruimtes verbleven. Het atelier produceerde kasjmierjassen voor Loro Piana, dat de samenwerking met de betrokken leverancier introk na ontdekking van de overtredingen.

De uitspraak, die voortkomt uit bredere onderzoeken in 2023 naar arbeidsuitbuiting bij Italiaanse luxemerken, benadrukt dat Loro Piana zijn productie via tussenbedrijven en Chinese ateliers uitbesteedde zonder voldoende toezicht, wat volgens de rechtbank bijdroeg aan de uitbuiting. Hoewel de eigenaren van deze onderaannemers worden verdacht van illegale tewerkstelling en mensenhandel, is Loro Piana Spa zelf niet strafrechtelijk vervolgd. Het bedrijf gaf aan zijn controlemechanismen te versterken om dit in de toekomst te voorkomen.

Deze zaak volgt op vergelijkbare maatregelen tegen andere topmerken zoals Valentino, Dior, Armani en Alviero Martini, die eveneens onder toezicht zijn geplaatst wegens schendingen in de productieketen. De rechtbank stelde dat het gangbare model bij Italiaanse modehuizen gericht is op het minimaliseren van arbeidskosten, met maximale winst als doel ten koste van werknemersveiligheid. Dit tegengaat de in mei ondertekende overeenkomst tussen modehuizen en autoriteiten om arbeidersuitbuiting te bestrijden.

Loro Piana staat bekend om extreem dure kasjmierproducten, met prijzen voor herenjassen variërend tussen ruim 3.000 en 5.000 euro, terwijl de onderaannemers slechts enkele honderden euro’s per jas ontvangen. Het luxemerk, waarin LVMH sinds 2013 80% bezit en dat recent Frédéric Arnault als CEO benoemde, werkt aan het verbeteren van zijn ethische en kwaliteitsnormen, maar het vonnis wijst op blijvende tekortkomingen in de beheersing van de volledige productieomgeving binnen Italië.