Maakt meer defensie Europa veiliger?

dinsdag, 25 augustus 2026 (06:19) - Het Financieele Dagblad

In dit artikel:

Oud-minister Jan Pronk (86) en Niels van Willigen, bijzonder hoogleraar Strategische Studies aan de Universiteit Leiden, bespreken in Den Haag hoe Europa met de verslechterde veiligheidssituatie moet omgaan. Pronk, die als vierjarige de Hongerwinter meemaakte, benadrukt dat oorlog, vrede en mensenrechten voor hem geen abstracte begrippen zijn.

De twee zien dezelfde gevaren, maar verschillen over de rol van militaire macht. Van Willigen vindt dat Europa voldoende militaire slagkracht nodig heeft om zijn belangen en waarden te verdedigen. Volgens hem kampen veel Europese NAVO-landen met achterstallig onderhoud aan hun defensie en zijn extra investeringen nodig door veranderende oorlogstechnologie, zoals drones en kunstmatige intelligentie. Hij benadrukt wel dat defensie moet worden aangevuld met diplomatie, internationale samenwerking en ontwikkelingshulp.

Pronk vreest dat hogere defensie-uitgaven en militaire afschrikking de diplomatie naar de achtergrond drukken. Meer wapens leveren volgens hem niet automatisch meer veiligheid op en kunnen militarisering in de hand werken. Hij mist een duidelijke strategie en prioriteiten bij de extra uitgaven, waardoor de aanschaf van materieel volgens hem een doel op zichzelf dreigt te worden. Ook waarschuwt hij voor autonome wapens en kunstmatige intelligentie, die escalatie moeilijk omkeerbaar kunnen maken.

Beiden vinden dat met tegenstanders moet worden gepraat, maar Van Willigen stelt dat Europa daarvoor ook invloed en een sterke onderhandelingspositie nodig heeft. Pronk vindt dat westerse leiders te weinig spreken over manieren om oorlogen, waaronder die in Oekraïne, via onderhandelingen te beëindigen. Hij noemt de bredere oorzaken van conflicten, zoals ongelijkheid, politieke instabiliteit en vluchtelingenstromen, onderbelicht.

Volgens Pronk hangt Europese veiligheid bovendien samen met geloofwaardigheid: wie vrijheid, recht en democratie niet consequent verdedigt, verliest internationale invloed. Van Willigen erkent die spanning, maar stelt dat waarden alleen beschermd kunnen worden als Europa voldoende macht heeft. Ook bij kernwapens verschillen ze van accent: Pronk pleit voor minder afschrikking en ontwapening, terwijl Van Willigen eerst voldoende gewicht aan de onderhandelingstafel noodzakelijk vindt.

Uiteindelijk zijn ze het erover eens dat defensie alleen niet volstaat. Pronk wil diplomatie opnieuw centraal stellen; Van Willigen onderschrijft dat, maar vanuit een sterke militaire, politieke en economische positie. Hun gezamenlijke kernpunt is dat veiligheid uiteindelijk in dienst moet staan van vrede, niet van verdere escalatie.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Raymond Mens reageert op uitspraken van René van der Gijp over zijn vele tv-optredens