Nederlands pensioenstelsel blijft wereldwijd koploper, ook na hervorming
In dit artikel:
Nederland staat voor het derde jaar op rij bovenaan de internationale ranglijst van pensioenstelsels van Marsh en het CFA Institute. Het onderzoek vergelijkt 55 landen, die samen 66 procent van de wereldbevolking vertegenwoordigen, op toereikendheid van uitkeringen, houdbaarheid op lange termijn en de kwaliteit van regelgeving en toezicht.
Naast Nederland kregen IJsland, Denemarken, Israël, Singapore en Australië de hoogste A-status. Nederland scoorde op geen van de afzonderlijke onderdelen het best: het werd tweede voor toereikendheid, achter Koeweit, en staat bij houdbaarheid achter Denemarken en IJsland. Voor regelgeving en toezicht eindigde het op de zesde plaats. De onderzoekers zien mogelijkheden voor verbetering, onder meer door huishoudschulden te verminderen, een pensioentoeslag voor ouders van jonge kinderen in te voeren en deelnemers beter te beschermen tegen fraude.
De hoge positie komt terwijl Nederland de Wet toekomst pensioenen invoert. Die wet vervangt uitkeringsovereenkomsten grotendeels door premieregelingen, maakt de premie leeftijdsonafhankelijk, schaft de doorsneesystematiek af en moet het stelsel persoonlijker en transparanter maken. Volgens Marsh is hervorming noodzakelijk omdat dalende geboortecijfers, een hogere levensverwachting en veranderende arbeidsvormen, zoals platform- en deeltijdwerk, pensioenstelsels wereldwijd onder druk zetten. Nederland wil met de hervorming zijn sterke positie behouden en toekomstige generaties financiële zekerheid bieden.
Vandaag Inside: 'The Champ' richt zich in video tot René van der Gijp, Wim Kieft, Michel van Egmond en Rob Jansen