Nederlandse banken scoren slechter op duurzaamheid
In dit artikel:
De twintigste editie van de Eerlijke Bankwijzer laat zien dat het duurzaamheidsbeleid van Nederlandse banken de afgelopen drie jaar is verslechterd: het gemiddelde cijfer zakt van 6,8 naar 6,3 en vijf van de acht beoordeelde banken scoren lager dan in 2023. De monitor, uitgevoerd door Profundo volgens de Fair Finance International-methodiek, beoordeelt niet de omvang van investeringen maar beleidskaders bij kredietverlening en beleggingen op zes thema’s (belasting, biodiversiteit, dierenwelzijn, gendergelijkheid, klimaat en mensenrechten) plus het risicosectorwapens.
Ten opzichte van vorig jaar werden de beoordelingsregels aangescherpt, met strengere uitsluitingen voor fossiele investeringen, nieuwe biodiversiteitscriteria (zoals plastic- en diepzeemijnbouw) en hogere transparantie-eisen; banken kregen sinds april vorig jaar de kans hun beleid aan te passen. Diezwaardere normen dragen mede bij aan de verslechterde scores, maar er zijn ook concrete verschuivingen per bank: Triodos staat bovenaan met een 9,5 (perfect op mensenrechten en wapens), ASN Bank daalt licht naar 8,6 en Bunq stijgt naar 7,6. Aan de onderkant valt Rabobank op met de grootste daling van 6,6 naar 4,5; ook NIBC en Van Lanschot Kempen gingen fors achteruit.
De grootste thematische terugval is bij biodiversiteit (-12 punten), gevolgd door mensenrechten (-8) en klimaat (-7). Projectleider Valerie Schreur noemt de algemene daling teleurstellend: “Het valt ons behoorlijk tegen…”. Triodos reageert trots en benadrukt het belang van toezicht op beloften versus daden. Rabobank verwerpt de conclusies en zegt dat het rapport gebaseerd is op onvolledige en niet-gevalideerde data.