Nederlandse pensioenfondsen bouwen fossiele beleggingen "in slakkentempo" af, Amerikaanse concurrenten blijven investeren
In dit artikel:
Nederlandse pensioenfondsen hebben hun beleggingen in olie-, gas- en kolenbedrijven weliswaar verder teruggebracht, maar volgens nieuwe cijfers gaat die afbouw nog te traag. Urgewald meldt in het rapport *Investing in Climate Chaos 2026* dat twaalf onderzochte Nederlandse fondsen samen nog 14,4 miljard euro in fossiele ondernemingen hebben zitten, bijna 15 procent minder dan in 2024. Gemiddeld is 1,10 procent van hun totale vermogen nog steeds aan de fossiele sector gekoppeld.
Vooral PMT en Pensioenfonds Detailhandel springen eruit als relatief grote achterblijvers. PMT heeft ruim 2 miljard euro belegd in onder meer Shell, BP, Equinor en Eni, terwijl Detailhandel met 2,43 procent van het vermogen in fossiele aandelen en obligaties nog zwaarder weegt. Ook Pensioenfonds Vervoer, Rail & OV en bpfBouw zitten boven het gemiddelde. In absolute zin blijven ABP en PFZW de grootste Nederlandse fossiele beleggers, ondanks eerdere plannen om daar juist mee te stoppen.
Tegelijk laat het onderzoek zien dat een bijna volledige uitstap wel mogelijk is: PGB heeft nog maar 0,15 procent in fossiele bedrijven en het ING-pensioenfonds 0,23 procent. Actiegroepen Groen Pensioen en Fossielvrij NL waarschuwen dat pensioenfondsen te langzaam reageren op de klimaatcrisis, zeker nu hittegolven en extreem weer toenemen. Wereldwijd blijven grote vermogensbeheerders als Vanguard en BlackRock ondertussen juist enorme bedragen in de fossiele sector steken, waardoor zij volgens de onderzoekers de energietransitie afremmen.
Vandaag Inside Oranje: Shelly Sterk: 'Ik denk dat de loyaliteit van Max Verstappen hem wereldtitels gaat kosten'