Noem de schilderijen van Robert Zandvliet vooral niet abstract
In dit artikel:
De Haarlemse schilder Robert Zandvliet staat bekend om monumentale doeken die aanvankelijk abstract lijken, maar van een afstand landschappen, velden, bloemen of water met weerspiegelingen onthullen. Zelf zegt hij niet de werkelijkheid, maar het idee van bijvoorbeeld mist, een veld of de maan te schilderen. Zijn persoonlijke leven speelt daarbij naar eigen zeggen geen directe rol: het schilderij moet op zichzelf staan.
Zandvliet werkt in een ruim, voormalig laboratorium aan de rand van Haarlem. Hij begint zelden zonder voorbereiding. Eerst maakt hij veel schetsen en probeert hij helder te krijgen welke betekenis en energie een onderwerp voor hem heeft. Vijf dagen per week is hij in zijn atelier, ook op dagen waarop hij nauwelijks schildert. Aanwezigheid is volgens hem essentieel, omdat een ingeving zich alleen daar kan voordoen.
Zijn kunstenaarschap draait om het onderzoeken van de essentie van dingen. Tijdens zijn opleiding schilderde hij alledaagse objecten als archetypen: niet een specifieke soort chocola, maar het basisprincipe van chocola. Ook maakte hij minimalistische schilderijen van bioscoopschermen, die door sommigen als een hoogtepunt in zijn vroege werk werden beschouwd. Later liet hij, ondanks zijn streven naar universele en niet-narratieve kunst, ook menselijke figuren toe. Die ontwikkelde hij als hoekige, bijna abstracte personages die naar zijn eigen iconische beelden kijken.
Zandvliet werkt doorgaans jarenlang aan series. Elke reeks levert nieuwe inzichten en vragen op. In de serie *I Owe You the Truth in Painting* (2008-2012) bestudeerde en bewerkte hij werken van onder anderen Mondriaan en Picasso. Na vier jaar merkte hij dat hij zichzelf in dat proces dreigde kwijt te raken. Een serie over stenen bracht hem terug naar een eenvoudiger onderwerp. Daarbij ontdekte hij dat schilderen voor hem niet alleen om vorm draait, maar ook om de energie die in een onderwerp besloten ligt.
Zijn nieuwste serie, *Paradaidha*, verwijst naar het Perzische woord voor een omheinde tuin, waarvan het woord ‘paradijs’ is afgeleid. De reeks is geïnspireerd door de Gaia-hypothese, volgens welke de aarde als één samenhangend organisme kan worden gezien. Zandvliet wil de verbondenheid tussen mens en natuur onderzoeken in een tijd van versnelling en hyperkapitalisme, waarin mensen volgens hem van die natuurlijke wereld vervreemd zijn. Hij koppelt dat aan het begrip resonantie: een diepe verbinding met de omgeving die ook door kunst kan ontstaan.
Binnen de begrenzing van het schilderij ontwikkelde hij het idee van het ‘veld’. Dat kan letterlijk een landschap zijn, maar ook een kleur-, kracht-, energie- of werkveld. De doeken tonen daardoor bewegende vegetatie, grassen en waterspiegelingen die over elkaar heen lijken te schuiven. Zandvliet zoekt bewust de grens op van wat nog begrijpelijk of vertrouwd is; reacties dat zijn werk esoterisch is, beschouwt hij als een teken dat de schilderijen iets in beweging zetten.
Hoewel hij bij het grote publiek minder bekend is, wordt Zandvliet al sinds het begin van zijn loopbaan gesteund door instellingen als Museum Voorlinden, De Pont en de AkzoNobel Art Foundation. In 2026 waren er solotentoonstellingen in Kunsthalle Darmstadt en Museum Franz Gertsch, naast een retrospectief in het Fries Museum. In maart verscheen bovendien *MONOLITH*, een omvangrijke monografie over zijn volledige oeuvre.
Vandaag Inside: Johan Derksen over kritiek van Harm Edens: ‘Heeft die flapdrol ons programma wel eens gezien?’