Olieprijs stijgt nog eens 10 procent
In dit artikel:
De olieprijs steeg donderdag scherp door aanhoudende zorgen over het conflict in het Midden-Oosten en verstoringen van leveringen via de Straat van Hormuz. Een vat West Texas Intermediate won bijna 10% en sloot op 95,73 dollar; Brent noteerde donderdagavond rond 102 dollar.
Het Internationaal Energieagentschap (IEA) verlaagde zijn prognose voor de groei van het wereldwijde olieaanbod dit jaar van 2,4 naar 1,1 miljoen vaten per dag en stelt dat de verwachte toename uitsluitend uit landen buiten OPEC+ zal komen. Het agentschap noemt de oorlog in de regio de grootste verstoring van het aanbod in de moderne oliemarkt.
Als tegenreactie kondigden landen aan 400 miljoen vaten uit strategische reserves vrij te maken. De Verenigde Staten dragen 172 miljoen vaten bij, maar die uitlevering gebeurt via swaps over circa 120 dagen. Minister Chris Wright zei tegen CNBC dat die 172 miljoen vaten worden geruild voor meer dan 200 miljoen vaten die binnen een jaar weer in de voorraad worden opgenomen, zodat de kosten volgens hem niet bij Amerikaanse belastingbetalers terechtkomen. Wright voegde eraan toe dat de Amerikaanse marine nog niet in staat is schepen door de Straat van Hormuz te begeleiden; dat kan mogelijk pas tegen het einde van de maand.
Analisten waarschuwen bovendien dat de markt nog onvoldoende rekening houdt met het risico dat producenten in de Perzische Golf eind maart velden kunnen sluiten als de instabiliteit aanhoudt. Veel producenten zijn afhankelijk van continue stroom, personeel en injectiesystemen; sluitingen zijn moeilijk en niet gegarandeerd omkeerbaar, wat zou leiden tot directe aanbodkrimp.
Beleggers en banken passen hun verwachtingen aan: Goldman Sachs heeft zijn prijsraming verhoogd en waarschuwt dat langdurige blokkades de prijs tijdelijk tot 150 dollar per vat kunnen drijven, vergelijkbaar met de piek in 2008.
Vandaag Inside: D66-staatssecretaris komt te laat bij vragenuur en wordt op de vingers getikt door Kamervoorzitter