Rechter: JPMorgan moet rechtszaak Wells Fargo over $481 mln vastgoedlening aangaan
In dit artikel:
Een federale rechter in Manhattan weigerde op 30 maart het beroep van JPMorgan Chase om een door Wells Fargo aangespannen contractbreukzaak te seponeren. Wells Fargo, als trustee namens beleggers, vordert herstel van verliezen uit een in gebreke gebleven commerciële vastgoedlening van ongeveer $481 miljoen die in 2019 werd verstrekt voor de aankoop van 43 multifamily-panden met in totaal 8.671 wooneenheden in tien Amerikaanse staten. Volgens de aanklacht bleef kredietnemer Chetrit Group in 2022 in gebreke en bedroeg de achterstand meer dan $285 miljoen toen Wells Fargo vorig jaar maart de zaak aanhangig maakte; beleggers leden tientallen miljoenen dollars verlies.
Wells Fargo stelt dat Chetrit ruim vijf maanden vóór de afronding van de $522 miljoen aankoop aan JPMorgan had gemeld dat de verkoper de historische netto bedrijfsopbrengsten (NOI) had overschat, maar dat JPMorgan dit negeerde toen het de lening structureerde en aan beleggers aanbood. JPMorgan betoogde dat Wells Fargo niet aantoonde dat die overschatting de waarde van de lening of onderliggende panden daadwerkelijk aantastte. Rechter Dale Ho oordeelde echter dat een eiser mag volhouden dat een wanprestatie materieel is wanneer die het risico op verlies van een lening aanzienlijk vergroot.
Wells Fargo eist dat JPMorgan de lening terugkoopt, verminderd met opbrengsten die het trust reeds ontving uit verkoop van onderpanden, of anders schadevergoeding betaalt. De uitspraak houdt de zaak open voor verdere behandeling; de uitkomst kan invloed hebben op de verantwoordelijkheid van banken bij het beoordelen en vermarkten van commerciële vastgoedfinancieringen.