Regionale Fed-banken vormen front in strijd om onafhankelijkheid centrale bank

woensdag, 15 april 2026 (15:17) - IEX.nl

In dit artikel:

Mary Daly, president van de Federal Reserve Bank van San Francisco, benadrukt dat zij en de elf andere leiders van de regionale reservebanken een wezenlijke rol vervullen in het beschermen van de onafhankelijkheid van de Amerikaanse centrale bank. Die positie staat echter onder zware druk door recente politieke stappen van de regering-Trump en lopende juridische procedures.

Wat speelt: president Trump zei op 15 april dat hij Fed-voorzitter Jerome Powell zou ontslaan als Powell weigert zijn bestuurszetel op te geven nadat zijn termijn als voorzitter afloopt op 15 mei. Tegelijk loopt bij het Amerikaanse Hooggerechtshof een zaak over de vraag of Trump Fed-gouverneur Lisa Cook kan ontslaan — een conflict dat al leidde tot verwarring over de mate waarin presidentsmacht kan worden gebruikt tegen Fed-functionarissen. Powell overweegt zijn optie om in het Board of Governors te blijven “op basis van wat het beste is voor de instelling,” en zijn mogelijke aanblijven zou de dynamiek rond een nieuw voorzitterschap beïnvloeden.

Structuur en belang van de regionale banken: de Federal Reserve bestaat naast het Washingtonse Board of Governors uit twaalf regionale banken. De twaalf presidenten van die banken leveren lokaal inzicht en stemmen op roulatiebasis — vijf van hen stemmen bij monetaire besluiten — en worden meestal gekozen door hun lokale raden, niet rechtstreeks benoemd door de president of via verkiezing. Daly ziet die opzet als een bewuste evenwichtsoefening in de Federal Reserve Act, bedoeld om gecentraliseerde macht te temperen. Toch kan het Board of Governors deze presidenten ontslaan, waardoor ook hun onafhankelijkheid niet absoluut is.

Politieke spanningen en mogelijke hervormingen: de bevestiging van Trumps kandidaat Kevin Warsh als voorzitter hangt vast in de Senaat; minstens één Republikeinse senator weigert te stemmen zolang onderzoek naar Powell voortgaat. Treasury-adviseur Scott Bessent en Warsh zelf pleiten voor veranderingen in hoe de Fed opereert; Bessent heeft voorstellen gedaan zoals woonplaatsvereisten voor bankpresidenten en wijst op wat hij ziet als te grote Fed-invloed. Stephen Miran en anderen hebben betoogd dat de president groter ontslagrecht zou moeten hebben over Fed-leiders.

Opinies verdeeld: sommige conservatieve stemmen, waaronder ex-Fed-vicevoorzitter Randall Quarles, vinden dat meer presidentiële controle gepast is en dat Senaatsbevestiging voldoende waarborgen biedt. Critici waarschuwen dat dat “met vuur spelen” is: voormalig St. Louis Fed-president James Bullard waarschuwt dat vrij ontslag door de president zou leiden tot wederzijds ontslag en uiteindelijk politieke druk op rentetarieven — met risico’s voor de geloofwaardigheid van het monetaire beleid.

Gevolgen en onzekerheid: de combinatie van een lopende rechtszaak, politieke druk, een onderzoek naar Powell en vage hervormingsvoorstellen creëert een periode van verstoring die, zelfs bij uitblijven van juridische overwinningen, de institutionele houvast van de Fed kan verzwakken. Hoe het Hooggerechtshof beslist en of Powell aanblijft als gouverneur zullen mede bepalen of de huidige balans tussen onafhankelijkheid en democratische verantwoording standhoudt of substantieel wordt herschikt.