Rode weekstart op Europese beurzen

maandag, 4 mei 2026 (19:30) - IEX.nl

In dit artikel:

Europese aandelenmarkten sloten maandag duidelijk lager na een combinatie van geopolitieke en handelsnieuws. De STOXX Europe 600 verloor circa 1,0% tot 605,51 punten; de Duitse DAX daalde 1,2% tot 23.991 en de Franse CAC 40 verloor 1,7% tot 7.976. Londen bleef dicht wegens een feestdag en in Milaan verloor de FTSE MIB 1,6%.

De belangrijkste aanleiding voor de verzwakking was president Donald Trumps aankondiging dat de VS de invoertarieven op auto’s en vrachtwagens uit de Europese Unie wil verhogen van 15% naar 25%. Trump maakte dat vrijdag op Truth Social bekend, en stelde dat de EU zich niet aan afspraken zou houden. Bedrijven die in de VS produceren blijven buiten schot, maar analisten van Rabobank waarschuwen dat het economische nadeel vooral Duitsland zal treffen vanwege de grote exportpositie van de Duitse auto-industrie.

Autofabrikanten stonden onder aanzienlijke druk: BMW (-2,4%), Mercedes (-3,4%), Volkswagen (-2,2%) en bandenproducent Continental (-4,6%) noteerden flinke verliezen. Ook Stellantis verloor terrein (-1,3%). Banken en verzekeraars waren zwak: ING verloor 3% in Amsterdam, KBC 1,9% in Brussel, Société Générale 4% in Parijs en UniCredit 2,4% in Milaan.

Tegelijkertijd waren er enkele uitschieters omhoog. Magnum Ice steeg ongeveer 5% in Amsterdam en Umicore klom circa 15% in Brussel na goed ontvangen kwartaalupdates. In Frankfurt leverde defensieconcern Rheinmetall 2,5% winst op; dat viel deels samen met nieuws dat Trump plan heeft Amerikaanse troepen (5.000 soldaten) uit Duitsland terug te trekken na een meningsverschil met bondskanselier Friedrich Merz over de oorlog in Iran. STMicroelectronics won ruim 2% in Parijs en Milaan; ASML daalde bijna 3%. EssilorLuxottica verloor 4,4%. Een opvallende daler was het Tsjechische defensiebedrijf CSG, dat circa 13% inleverde nadat een mediabedrijf een kritisch artikel publiceerde en tegelijkertijd aangaf short te zitten in het aandeel.

Economische data toonden een lichte verbetering in de industrie: de inkoopmanagersindex (PMI) steeg van 51,6 in maart naar 52,2 in april, het hoogste punt in bijna vier jaar. S&P Global waarschuwt echter dat die stijging vooral wordt gedreven door veiligheidsvoorraden en zorgen over leveringstekorten en prijsstijgingen, mede veroorzaakt door de oorlog in het Midden-Oosten. Valuta- en grondstoffenmarkten weerspiegelden de spanningen: de euro daalde naar onder 1,17 dollar en Brent-olie steeg bijna 6% tot rond $114 per vat.

Het marktsentiment blijft gevoelig voor verdere escalatie in handels- en geopolitieke spanningen, wat de volatiliteit in Europese aandelen en sectoren zoals auto en financiële dienstverlening kan voortzetten.