Rotterdamse wethouder wil met 'aardig rechts' beleid mensen uit bijstand krijgen
In dit artikel:
Het beoogde nieuwe kabinet noemt Rotterdam in het coalitieakkoord als voorbeeldstad voor het terugdringen van de bijstand. Wethouder Werk en Inkomen Tim Versnel (VVD) reageert geamuseerd, maar wijst erop dat Rotterdam ondanks alle inspanningen nog altijd het hoogste aandeel bijstandsgerechtigden per inwoner heeft: circa 60 per 1.000 Rotterdammers, waarvan 40% op Rotterdam-Zuid woont. Ter vergelijking: Amsterdam heeft ongeveer 44 en Den Haag 46 per 1.000 inwoners.
Versnel legt de oorzaak deels bij de stadsgeschiedenis: de snelle industriële groei rond 1900 leidde tot veel kleine, goedkope arbeiderswoningen die nog grotendeels bestaan en zo een concentratie van lage inkomens in stand houden. Daarom pleit hij — tegen de heersende verwachting in — voor minder sociale woningbouw en meer woningen voor mensen die kunnen deelnemen aan de arbeidsmarkt, inclusief young professionals en mensen die uit de bijstand komen. Zijn zorg: als mensen op Zuid vooruitkomen, vertrekken ze vaak meteen, waarna nieuwe bijstandsgerechtigden hun plaats innemen.
De gemeente voert al jaren uiteenlopende maatregelen uit en bouwt voort op het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (sinds 2011), met als doel het niveau van de G4 te benaderen. Recent daalde het aantal bijstandsgerechtigden in Rotterdam sneller dan gemiddeld in die vier grote steden. Nieuwe instrumenten zijn onder andere het Rijnmonds Arbeidsmarkt Perspectieffonds (cofinanciering door bedrijven voor het aannemen van personeel in krappe sectoren), het Social Impactfonds Rotterdam (subsidies aan sociale ondernemingen) en het nieuw gelanceerde project Werkstad. Ook zijn er lokale experimenten zoals een burgerberaad op Zuid, banencarrousels in wijkcentra en een rekeninstrument dat laat zien hoeveel iemand er financieel op vooruitgaat bij werk.
Versnel ziet twee kernwoorden achter succes: een positieve benadering van bijstandsgerechtigden en intensieve, praktische begeleiding. In plaats van zwart-witdenken over kwetsbaarheid of strikte straffen, richt Rotterdam zich pragmatisch op wat mensen nodig hebben om aan het werk te komen: wekelijkse gesprekken, meegelopen sollicitatiegesprekken, huisbezoeken en training in soft skills. De gemeente maakt een selectie: de zogenoemde ‘granieten bestand’ van ruim 9.000 mensen die al meer dan tien jaar in de bijstand zitten, krijgt minder intensieve begeleiding; de focus ligt op mensen die nog niet lang in de bijstand zitten en direct bemiddelbaar zijn.
Praktische barrières zijn onder meer een beperkt cv tegenover werkgevers die sterk op diploma’s selecteren, taalproblemen en een gebrek aan zelfvertrouwen. Ongeveer 60% van de bijstandsgerechtigden is een eerstegeneratie-immigrant van buiten Europa, wat extra inzet op taal en sociale vaardigheden vereist. Tegelijk geldt strengere handhaving: eenmalig verzuim leidt niet tot korting, maar herhaald niet-verschijnen kan leiden tot inhouding van uitkering.
Politiek heeft Versnel ook een duidelijk standpunt: als lijsttrekker van de VVD pleit hij voor een asielstop voor Rotterdam en wil hij de huisvesting van nieuwe statushouders beperken om hulpbronnen te concentreren op de huidige bewoners. Hij presenteert zijn aanpak als niet links of rechts, maar als “aardig rechts” — conservatief met aandacht voor sociale opwaartse mobiliteit. De uitdaging blijft groot: ondanks vele vernieuwende initiatieven boeken de stad en haar partners vaak vooruitgang die deels teniet wordt gedaan door structurele woon- en migratieproblematiek.