Studentenkamer voor een ton: 'Ouders zoeken creatieve oplossingen'
In dit artikel:
In Amsterdam ontstond vorige week commotie toen op Funda een kamer van 11 m² te koop werd aangeboden voor €100.000 — inclusief de opmerking dat het geschikt zou zijn “voor jezelf of een studerend kind”. Het geval benadrukt een nieuwe trend: kamers in (studenten)woningen worden steeds vaker verkocht, omdat ouders met spaargeld of via een familiehypotheek naar alternatieven zoeken nu de private huursector en fiscale regels veranderen.
Econoom Matthijs Korevaar plaatst die ontwikkeling in een breder plaatje: belastingwijzigingen op vermogen (box 3) maken het direct aanschaffen en verhuren van een hele woning minder aantrekkelijk voor ouders, en de Wet betaalbare huur verhoogt het risico op boetes bij overschrijding van het puntensysteem. De vraag naar studentenkamers blijft hoog, waardoor kopers bereid zijn creatieve constructies te gebruiken — contante betaling of financiering binnen de familie zijn gangbaar omdat banken alleen hypotheken geven voor woningen met basisvoorzieningen zoals een keuken en badkamer.
Juridisch bestaan twee situaties: soms heeft een notaris een woning formeel opgesplitst in afzonderlijke appartementsrechten, waardoor een kamer juridisch zelfstandig verkocht kan worden; in andere gevallen krijgt iemand alleen een exclusief gebruiksrecht van een kamer zonder splitsing. Dat laatste biedt grote risico’s voor kopers: zij zijn dan geen eigenaar en zitten feitelijk in een bijna-bruikleenconstructie die veel weg heeft van huur, zonder notariële akte of inschrijving in het Kadaster. Daardoor ontbreken ook landelijke cijfers over dit soort transacties.
De verkoop van kamers roept lokale politieke verontwaardiging op. Utrecht handhaaft inmiddels een verbod en vraagt nieuwe eigenaren illegale splitsingen ongedaan te maken; bij niet-naleving kunnen boetes volgen. Amsterdam onderzoekt vergelijkbare maatregelen. Landelijk nam voormalig minister Mona Keijzer vorig najaar een terughoudende opstelling en zag weinig rol voor het Rijk bij regulering, mede vanwege het woningtekort. Gemeenten proberen nu zelf grenzen te trekken; critici vrezen dat dergelijke marktconstructies de scheefgroei in de woningmarkt verder aanjagen en kwetsbare huurders kunnen benadelen.