Veel gemaakte fouten met de eigen woning in de belastingaangifte

vrijdag, 27 februari 2026 (10:17) - IEX.nl

In dit artikel:

Hypotheekadviseur Jos Koets wijst op veelvoorkomende fouten bij de aangifte inkomstenbelasting (IB), nu de aangifteperiode bijna begint en naar schatting bijna 7 miljoen particulieren moeten invullen. De Belastingdienst vult al veel gegevens vooraf in, maar juist bij gescheiden of scheidende partners ontstaan regelmatig onjuiste invullingen rond de eigen woning, woongenot en afspraken in het echtscheidingsconvenant.

Eigen woning: leidend is de feitelijke vertrekdatum, niet de uitschrijving in de Basisregistratie Personen. Na vertrek behoudt de vertrekkende partner volgens de echtscheidingsregeling nog twee jaar de status van eigen woning en daarmee in veel gevallen het recht om hypotheekrente af te trekken. Praktijkvoorbeeld: twee partners bezitten de woning ieder voor 50%, één partner betaalt echter 100% van de rente en vertrekt meteen bij de scheiding. Omdat eigendom, betalingen en afspraken verschillend kunnen zijn vóór en na het einde van het fiscale partnerschap, bepaalt de fase van de scheiding en de gemaakte afspraken wie welk deel van rente en eigenwoningforfait mag opvoeren. Onjuiste invulling (bijvoorbeeld oneigenlijk aftrekken van 100% rente) komt vaak door onwetendheid over deze nuances.

Woongenot als alimentatie: er gaat regelmatig iets mis doordat verstrekt woongenot wordt afgetrokken, maar ontvangen woongenot niet wordt aangegeven — of andersom. In veel gevallen geldt dat beide partijen corresponderende posten moeten opnemen: degene die woongenot ontvangt (ontvangen alimentatie) en degene die het verstrekt (onderhoudsverplichting). Deze regeling blijft van kracht totdat eigendom of bewoning structureel verandert, ook na de tweejaarstermijn van de echtscheidingsregeling.

Afspraken in het convenant: niet alle afspraken die partners in een echtscheidingsconvenant opnemen, zijn fiscaal te realiseren. Een nihilbeding dat partneralimentatie uitsluit kan bijvoorbeeld verhinderen dat betaalde hypotheekrente alsnog als partneralimentatie kan worden opgevoerd. Evenzo kunnen contractuele afspraken dat één partner “100% rente mag aftrekken” strijdig zijn met fiscale regels; de Belastingdienst en rechtspraak stellen grenzen aan wat door partijen kan worden toegewezen.

Praktische aandachtspunten voor huizenbezitters en doorstromers: bestaande woningeigenaren hoeven meestal alleen de vooraf ingevulde IB-gegevens te controleren. Wie tijdelijk twee koopwoningen had (doorstromers) moet extra opletten en bij de eerste aangifte na aankoop een belasting- of hypotheekdeskundige raadplegen. Eenmalige financieringskosten (advies- en taxatiekosten, notariskosten, NHG-kosten e.d.) zijn fiscaal aftrekbaar, maar pro rata wanneer niet de volledige eigenwoningreserve in de nieuwe woning wordt gebruikt. Ook de gekozen hypotheekstructuur (bijvoorbeeld Draagplicht Overeenkomst) bepaalt hoe de lening in Box 1 of Box 3 moet worden opgegeven.

Box 3-hypotheek: de Hoge Raad heeft geoordeeld dat het overgangsrecht voor bestaande eigenwoningleningen dwingend is en dat het niet mogelijk is om een bestaande Box 1-hypotheek zomaar naar Box 3 over te hevelen. Huiseigenaren met hun eerste hypotheek van vóór 2013 doen er goed aan hun hypotheekgeschiedenis na te lopen; de verantwoordelijkheid voor een juiste aangifte ligt bij de belastingplichtige.

Kort advies: vul de aangifte zorgvuldig in, controleer vooraf ingevulde gegevens en schakel bij complexe situaties een echtscheidingsdeskundige of belastingadviseur in om fiscale risico’s en verkeerde aftrekposten te voorkomen.