Vijf tips voor de aangifte inkomstenbelasting

dinsdag, 10 maart 2026 (09:05) - Het Financieele Dagblad

In dit artikel:

De Belastingdienst verandert enkele belangrijke regels die vanaf de aangifte over 2025 merkbaar zijn voor veel Nederlandse belastingbetalers.

Algemene heffingskorting
De algemene heffingskorting blijft inkomensafhankelijk en vervalt bij een verzamelinkomen vanaf €76.818. Nieuw is dat de fiscus voor de bepaling van die korting niet langer alleen naar box 1 kijkt (loon/winst), maar ook naar inkomen uit box 2 (bijv. dividend uit een bv) en box 3 (vermogen). Daardoor kunnen mensen met een laag loon maar veel dividend of beleggingen plotseling hun volledige heffingskorting verliezen en honderden tot ruim €3.000 per jaar meer belasting krijgen. Controleer daarom de vooraf ingevulde aangifte goed; de hogere aanslag volgt na ontvangst van de belastingaanslag en bezwaar is dan mogelijk.

Eigenwoningforfait en villataks
Het eigenwoningforfait (woongenot) wordt op basis van de WOZ-waarde berekend. Voor 2025 geldt 0,35% van de WOZ-waarde, maar boven €1,3 miljoen geldt een hoger tarief van 2,35 — de zogenoemde villataks. Door stijgende huizenprijzen raakt een groeiende groep mensen hierdoor meer hypotheekrenteaftrek kwijt of betaalt hoger box-1–belasting. Bezwaar indienen tegen het verhoogde forfait wordt door adviseurs aangeraden; een eerdere bezwaaractie tegen het forfaitaire rendement in box 3 leverde in het verleden geld op voor indieners. De rechtbank Den Haag oordeelde overigens dat het hogere eigenwoningforfait geen ongeoorloofde inbreuk op eigendomsrecht is.

Box 3: fictief versus werkelijk rendement
De vermogensrendementsheffing in box 3 is tot op heden gebaseerd op een fictief rendement, wat regelmatig tot kritiek leidt omdat het echte rendement afwijkt. De geplande omslag naar standaard werkelijke rendement vindt plaats in 2028, maar voor de aangifte 2025 kunnen belastingplichtigen zelf hun werkelijke rendement invullen (rente, dividend, koerswinsten). De Belastingdienst vergelijkt daarna wat voor de belastingbetaler gunstiger is (forfaitair of werkelijk). Let op: bij belastingheffing op werkelijke rendementen vervalt het heffingsvrije vermogen, wat voor sommige mensen tot hogere belasting kan leiden.

Ziektekosten en mobiliteitsaftrek
Ziektekosten blijven aftrekbaar boven een drempel die van het inkomen afhankelijk is. Voor 2025 geldt bij reiskosten naar zorgverleners een vaste vergoeding van €0,23 per kilometer plus parkeerkosten in plaats van daadwerkelijke kosten; dat is doorgaans lager dan de werkelijke kilometerprijs (marktindicatie ca. €0,36/km). Voor mensen die door een handicap meer vervoer nodig hebben dan gemiddeld is er nu een vereenvoudigde aftrekpost van €925 (leefkilometers). Tandarts-, fysio- en medicijnkosten blijven onder voorwaarden aftrekbaar; premies zorgverzekering niet.

Samen aangifte en partnerkeuzes
Fiscaal partnerschap (huwelijk, geregistreerd partnerschap, soms samenwonenden) blijft belangrijk voor de verdeling van aftrekposten en vermogen. Partners mogen de verdeling kiezen die fiscaal het meest gunstig is: bijvoorbeeld het huis toerekenen aan de minstverdienende partner of alle aftrekposten bij één partner zetten om diens heffingskorting te verhogen. Ook bij box 3 kunnen partners zelf het percentage vermogen toerekenen en kan de ene partner kiezen voor forfait en de ander voor werkelijk rendement.

Advies: controleer de vooraf ingevulde aangifte, overweeg tijdig verdelingen tussen partners en bereid je voor op mogelijke hogere aanslagen of bezwaarprocedures.