VS-arbeidsmarkt stabiel; inflatie sterker voorafgaand aan oorlog met Iran
In dit artikel:
In de week eindigend 4 april steeg het aantal nieuwe aanvragen voor Amerikaanse werkloosheidsuitkeringen licht, met 16.000 tot 219.000 (seizoen gecorrigeerd), zo meldde het Amerikaanse ministerie van Arbeid op 9 april. Dat ligt iets boven de door Reuters ondervraagde verwachting van 210.000 en geeft volgens economen geen aanwijzing voor een bredere verzwakking van de arbeidsmarkt: ontslagen blijven relatief laag en werkgevers lijken nog niet te snijden in personeelsbestand naar aanleiding van de geopolitieke spanningen.
De berichtgeving plaatst de cijfers tegen de achtergrond van de internationale onrust rond Iran en maatregelen van president Trump, die een voorwaardelijk twee weken durend staakt‑het‑vuren aankondigde als Teheran de Straat van Hormuz heropent. De olieprijzen piekten, waardoor de gemiddelde benzineprijs in de VS opnieuw boven $4 per gallon uitkwam en in maart ongeveer $3,2 biljoen aan beurswaarde verdampte. Economen verwachten dat de consumentenprijsindex in maart met zo’n 1,0% zal stijgen (ongeveer 3,3% op jaarbasis), ruim boven het Fed‑doel van 2%.
Notulen van de Fed‑vergadering van 17–18 maart laten zien dat een groeiend aantal beleidsmakers openstond voor extra renteverhogingen om de inflatie te bestrijden. De Fed hield de beleidsrente ongewijzigd op 3,50–3,75%, maar de kans op renteverlaging dit jaar is sterk geslonken. De centrale bank verwacht in grote lijnen stabiel werkloosheidspercentage en lage netto banengroei; slechts enkele deelnemers voorzagen versoepeling van de arbeidsmarkt.
Andere arbeidsgegevens tonen herstel, met 178.000 banen buiten de landbouw in maart, maar de mediane werkloosheidsduur steeg naar 11,4 weken — het hoogst in bijna 4,5 jaar. Doorlopende uitkeringen daalden tot 1,794 miljoen in de week eindigend 28 maart, deels doordat veel werklozen na maximaal 26 weken geen recht meer hebben; jonge werklozen zonder arbeidsverleden worden daarbij het zwaarst getroffen.