VS-consumentenvertrouwen veert op nu benzineprijzen dalen
In dit artikel:
Begin juni trok het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten iets aan, vooral omdat dalende benzineprijzen huishoudens verlichting boden, maar zorgen over inflatie en de oorlog in het Midden-Oosten blijven domineren. De Surveys of Consumers van de University of Michigan rapporteerden op 12 juni dat de Consumer Sentiment Index steeg naar 48,9 in juni, na een recordlaag van 44,8 in mei (analisten hadden 46,0 verwacht). De verbetering kwam breed tot stand: alle leeftijdsgroepen, opleidingsniveaus en politieke voorkeuren lieten hogere scores zien.
Volgens AAA daalden de landelijke benzineprijzen de afgelopen weken van $4,56 op 21 mei (het hoogste niveau in vier jaar) naar ongeveer $4,11, en die terugloop droeg vooral bij aan het betere gevoel bij lagere inkomensgroepen — benzine vormt een relatief groot deel van hun uitgaven. Ook de veerkracht van de arbeidsmarkt, met aanhoudende banengroei en stabiele werkloosheid, ondersteunde het sentiment.
Tegelijkertijd blijven inflatiezorgen groot. De Amerikaanse consumentenprijsinflatie sprong in mei boven 4% — het eerst in drie jaar — en de inflatieverwachtingen van consumenten zijn nog steeds hoog: de verwachting voor het komende jaar daalde licht naar 4,6% (van 4,8%), en voor vijf jaar naar 3,4% (van 3,9%). Economen waarschuwen dat aanhoudende spanning rond Iran inflatoire tegenwinden kan veroorzaken; als het conflict aanhoudt zou dat de prijsdruk kunnen versterken en de groei remmen.
De ontwikkelingen hebben ook beleids- en markteffecten. De kans op een renteverlaging van de Federal Reserve dit jaar is door de hoge inflatie sterk geslonken; de Fed wordt verwacht de beleidsrente komende woensdag op 3,50–3,75% te handhaven en haar versoepelingsbias te laten varen. Op de markten gingen aandelen hoger, verzwakte de dollar en stegen de rentes op staatsobligaties.
Kortom: kortstondige verlichting door lagere brandstofkosten verbeterde het consumentenvertrouwen, vooral bij lagere inkomens, maar aanhoudende inflatiedruk en het geopolitieke risico rond Iran houden onzekerheid over het economische vooruitzicht en het rentebeleid hoog.