Wall Street wacht licht lagere opening
In dit artikel:
De Amerikaanse beurzen verwachten woensdag een nagenoeg vlakke tot licht lagere opening; S&P‑500‑futures noteerden ongeveer 0,2% onder par vlak voor de openingsbel. Beleggers handelen voorzichtiger nu het geweld tussen de VS en Iran in het Midden‑Oosten opnieuw is opgelaaid: Iran vuurde raketten en drones af op Koeweit en Bahrein, terwijl het Amerikaanse leger een Iraans militair controlecentrum bestookte. Ondanks de wederzijdse aanvallen zeggen de VS dat het staakt‑het‑vuren nog steeds geldt.
Door de geopolitieke spanningen klommen olieprijzen weer, waarbij Brent‑futures in de richting van 100 dollar per vat gingen. Toch blijft de onderliggende koersopgang op de aandelenmarkten vooralsnog overeind: sluit de S&P vandaag hoger, dan zou dat de elfde koersstijging op rij zijn — de langste reeks sinds 1995. Marktpartijen merken dat het optimisme rond AI‑gerelateerde bedrijven de zorgen over hogere energieprijzen, inflatie en rente tijdelijk lijkt te overheersen. Tegelijk rijzen vragen over de enorme investeringen die nodig zijn om de datacapaciteit voor AI uit te breiden.
Op bedrijfsnieuws staan technamen in de schijnwerpers: Broadcom publiceert na beurs sluiting kwartaalcijfers — analisten verwachten een aangepaste winst per aandeel van circa 2,40 dollar en een omzet van ongeveer 22,1 miljard dollar, beide recordniveaus. Dat kan de AI‑rally extra aanwakkeren. Verder zoekt SpaceX bij zijn geplande beursgang volgende week een waardering rond 1,75 biljoen dollar en zal waarschijnlijk minder dan 5% van de aandelen aanbieden. Baidu wil zijn chipdivisie in Hongkong noteren; Macy’s rapporteerde de sterkste like‑for‑like omzetgroei in vier jaar en verhoogde de jaarverwachting.
Op macrovlak toonde het ADP‑banenrapport dat de particuliere werkgelegenheid in mei met 122.000 banen is aangegroeid — meer dan de verwachte 110.000 en een stijging ten opzichte van april. ADP‑hoofdeconoom Nela Richardson karakteriseert de banengroei als breed gedragen en zeldzaam sterk. De markt blijft echter speuren naar signalen voor het rentebeleid van de Federal Reserve; sommige partijen achten een beleidsactie in juni niet volledig uitgesloten, terwijl anderen nog geen redenen zien voor renteverlaging.
Tot slot wil de Amerikaanse regering importheffingen van minimaal 10% opleggen aan grote handelspartners wegens vermeend gebruik van dwangarbeid, mogelijk gericht op China, de EU en Japan — een hernieuwde poging van president Trump die in februari door het Hooggerechtshof werd teruggewezen. De EU noemt de motivatie achter de heffingen ongegrond.