Komt er volgend jaar een renteverhoging? Vijf vragen voor de ECB
In dit artikel:
De Europese Centrale Bank vergadert volgende week donderdag in Londen (artikel gedateerd 12 december) terwijl markten steeds meer speculeren dat een renteverhoging in 2026 niet langer uitgesloten is. Sinds de oktoberbijeenkomst zijn nieuwe gegevens verschenen die bevestigen dat het beleid zich in een “goede positie” bevindt: de economie groeide in het derde kwartaal met 0,3% en de inflatie blijkt taaier dan eerder verwacht. Verwacht wordt dat de ECB de beleidsrente volgende week ongewijzigd op 2% houdt — voor de vierde vergadering op rij.
Belangrijke aandachtspunten voor beleggers zijn de nieuwe prognoses, waaronder voor 2028: economen verwachten dat de inflatie tegen die tijd terugkeert naar circa 2% (of iets hoger). Dit is de eerste keer dat de ECB zo ver vooruit kijkt; factoren zoals het uitstel van het EU-emissiehandelssysteem naar 2028 spelen mee in de inschatting voor 2027 en 2028. Voor 2024–2025 wordt door sommige analisten een opwaartse bijstelling van zowel inflatie als groei verwacht, wat de prognoses een "havikser" karakter zou kunnen geven.
Wat het toekomstige beleid betreft, rekenen handelaren grotendeels op stabiliteit, maar prijzen inmiddels ongeveer 30% kans in op een renteverhoging tegen eind 2026 — een omslag ten opzichte van vorige week toen renteverlagingen nog als grootste risico golden. De verschuiving ontstond deels na opmerkingen van beleidsmaker Isabel Schnabel dat de volgende stap een verhoging kan zijn, hoewel niet snel. Beslissingen zullen afhangen van factoren als de Duitse begrotingsstimulans, de sterke euro (dit jaar ~13% hoger), energieprijzen en de invloed van goedkope Chinese export.
Ook geopolitiek speelt mee: een vredesakkoord in Oekraïne zou groei kunnen ondersteunen en energieprijzen drukken, maar economen denken niet dat dit de ECB-opvattingen wezenlijk verandert. Wel is er zorg over EU-voorstellen om bevroren Russische activa te gebruiken voor leningen aan Oekraïne; dat kan de status van de euro raken, iets waar de ECB alert op is.
Tot slot start de ECB een tweejarig proces om veel directiezetels te vernieuwen, te beginnen met vice-president Luis de Guindos volgend jaar. Hoewel kleinere landen zich melden, blijven de grote economieën vermoedelijk dominant; verwacht wordt dat de bestuurlijke wissel geen directe materiële gevolgen voor het monetaire beleid zal hebben.